|
Ginny-w
|
Geplaatst op 08-06-2011, 22:27 |
Reageer
|
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Fracta Amicitia
De twee jongens hadden zichzelf opgesloten op de zolderkamer van een klein huisje aan de rand van Goderics Eind. De gordijnen waren voor de ramen van het kamertje geschoven en een kandelaar met drie kaarsen erin stond in het midden van de tafel. De tafel en de vloer rondom de tafel was bezaaid met rollen perkament, verfrommelde proppen gebruikte veren en inktvlekken. `Albus, we moeten het vinden!' De jongen die Albus heette keek naar de andere jongen, die driftig willekeurige boeken doorbladerde. Hij was lang, knap en had goudblond haar dat tot zijn schouders reikte. `Gellert, we hebben al zoveel onderzoek gedaan. Misschien is het toch een legende, misschien –' Geïrriteerd gooide de blonde jongen het boek over zijn schouder en pakte een encyclopedie van tafel. `Nee! Het bestaat! Ik weet het zeker!' `Maar –' `Tante Mathilda heeft me er zo vaak over verteld toen ik klein was. Het bestaat!' Albus zuchtte. Hij had de vurige hoop die Gellert nog steeds had al tijden terug verloren. `Waarom vinden we dan geen aanwijzingen!' `Houd je mond even, wil je?' beet Gellert hem toe. Albus bleef gehoorzaam stil. `Oké, we nemen het nog een keer door. We weten dat de staf in de handen was van Simon de Slegte, die hem van Barnabas Dastaard had afgenomen. Simon de Slegte werd vervolgens weer gedood door Arcus of Livius, wie van de twee is nooit duidelijk geworden.' `Goed, wat weten we van deze laatste twee personen?' vroeg Albus. `Mijn grootvader heeft eens verteld dat ene Livius Sercel tijdens zijn schooljaren ook op Klammfels zat. De kans is klein dat het om de zelfde persoon gaat. Overmorgen, als de vakantie afgelopen is, keer ik terug naar Klammfels, zoals je weet. Ik zal daar in de bibliotheek eens onderzoek doen naar deze naam. Kijken of deze in verband wordt gebracht met Simon de Slegte. `We zitten hier al anderhalve week, en pas nu kom je met deze informatie?' zei Albus ongelovig. `Het schiet me nu pas te binnen,' antwoordde Gellert. Hij pakte een nieuw boek en begon deze door te bladeren. Albus liet zich weer zakken in zijn stoel en staarde in de vlammen van de kaars.
Twee dagen later was het zo ver. Gellert zou weer terugkeren naar Klammfels, ergens in het hoge noorden. Albus liep met hem mee naar het huis van zijn tante, Mathilda Belladonna en nam afscheid. Eenzaam liep hij terug naar zijn eigen huis. `Schrijven als je wat ontdekt!' had Albus nog geroepen. Gellert had geknikt. Met een laatste blik op zijn vriend tolde Gellert rond en plots was hij verdwenen.
Gellert verscheen weer. Hij rilde gelijk. De redelijk warme avond in Goderics Eind was vervangen door een ijskoude, witte vlakte. De wind sneed over zijn huid heen als een mes door boter. Gellert trok zijn mantel wat steviger tegen zich aan. Hij keek naar de bergen voor hem en zag tussen de dwarrelende sneeuwvlokken een torenachtig gebouw op een van de toppen staan. Stap voor stap liep hij naar het kasteel.
De weken kropen voorbij. Elk vrije uur dat Gellert had besteedde hij in de noordwestelijke toren van Klammfels. Klammfels was gebouwd op een enorme pilaar die uit de bergtop is uitgehakt. Op de pilaar zijn zes verdiepingen gebouwd, elk weer voorzien van z'n eigen torens. Diep in de pilaar van steen waren gangen uitgehakt die plaats maakten voor de kerkers en ondergrondse gangen. De noordwestelijke toren stond los van de rest van het kasteel en is precies op de piek van de berg gebouwd. Een overdekte brug verbond de toren met de rest van het kasteel. De brug kwam uit in een gang op de derde verdieping van het hoofdgebouw. De bibliotheek was opgedeeld in vijf aparte verdiepingen, ingedeeld op het type boeken dat er stonden. Gellert bevond zich op de tweede etage van de bibliotheek, in de afdeling Geschiedenis & Geografie. Naast hem op een tafel lag een stapel haastig doorgebladerde boeken over de lokale geschiedenis. Zuchtend verhoogde hij de stapel door er Lapland in de Oudheid op te leggen. Hij keek geërgerd op toen de bel door de toren klonk.
Na de gezamenlijke avondmaaltijd met de hele school liep Gellert door de verlaten gangen van de derde verdieping. Madame Boechov, de bibliothecaresse, had zich nog voor de avondmaaltijd teruggetrokken in haar privévertrekken aan de oostkant van het kasteel, dus de bieb was dicht. Gellert liep over de overdekte brug tussen het kasteel en de noordwestelijke toren. De deur die toegang gaf aan de bibliotheek was zoals verwacht gesloten. `Alomohora,' fluisterde de jongen, maar de deur ging niet open. Met behulp van wat meer sinister spreukenwerk lukte het hem om alsnog de bieb binnen te dringen. Hij keek op zijn horloge. Half acht. Alle tijd om nog wat boeken door te kijken. Zuchtend bladerde hij door de stapel boeken die hij voor het eten al had klaar gezet, driftig op zoek naar ook maar de kleinste aanwijzing.
Gellert schrok wakker van een geluid. Slaperig keek hij om zich heen. Hij was in slaap gesukkeld tijdens het doorlezen van het zoveelste boek. De buitenlucht die zichtbaar was door een hoog raam verraadde dat het vroeg in de ochtend was. Gellert keek om zich heen. De deur aan de andere kant van de zaal ging open. Madame Boechov kwam binnensluipen. Vlug kieperde hij de laatste vijf boeken van de stapel in zijn tas en zocht haastig dekking achter een rij boekenkasten. `Wie is hier?' fluisterde Boechov. Gellert hoorde haar langzaam tussen de rijen kasten lopen, jachtig ademend op zoek naar haar prooi. Gellert kroop stilletjes om een andere kast heen en zag het gelaat van de oude vrouw tussen een paar boeken heen. Hij trok een boek uit de kast en gooide dat over de kast heen. Het boek kwam met een klap tegen de muur aan de andere kant van het vertrek en Madame Boechov vloog er heen. Gellert greep zijn kans en sloop vlug de bibliotheek uit.
Het eerste wat Gellert deed was een leeg lokaal op zoeken. Al snel had hij deze gevonden, één verdieping hoger. Hij ging op een van de bureaus zitten en haalde de boeken uit de tas. Aan de eerste twee had hij niks, dus deze belandden in een slordig hoopje in de hoek van het lokaal. Het derde boek gaf hem zoveel informatie over Drakenpokken die hij maar wilde, maar hij had er vrij weinig aan. Ook dit boek eindigde, samen met de vierde, in de hoek. Het laatste boek trok gelijk zijn volledige concentratie nadat hij zijn blik had laten vallen op de titel. Geschiedenis van de Toverstokmaker. Gretig en lichtelijk nerveus sloeg Gellert het boek open en liet zijn vinger door de index glijden. `Pagina 7, Het ontstaan van het beroep,' mompelde hij in zichzelf. `Nee … pagina 21, Verschillende toverstokken … pagina 57 … Befaamde stokmakers …' Gellert bladerde door naar pagina 57 en bestudeerde de artikelen over een paar van de beste stokmakers aller tijden. Het stuk over de Hongaarse Vetva de Heksenmeester, die toverstokken maakte in de 15e eeuw oogde interessant, maar bood Gellert geen informatie naar datgene waar hij naar zocht. Ook vond hij niets in het stuk over Gren IV, een tovenaar van adel die experimenteerde met verschillende bestanddelen voor een toverstok en tragisch om het leven kwam nadat hij trachtte bloed van een Zweedse Stompsnuit af te nemen in 1307. Zuchtend sloeg hij de bladzijde om en begon hij het stuk over Vinner Stavlov. `Stavlov …' mompelde Gellert in zichzelf en hij haalde zijn eigen toverstok tevoorschijn. `Maakte mijn toverstok,' ging hij door. Hij legde zijn staf aan de kant en las het artikel.
Vinner Stavlov, een Oost-Duitse toverstokmaker, staat bekend om 's werelds beste toverstokken. Hij is vooral bekend vanwege zijn creativiteit als het gaat om het maken van toverstokken. Stavlov was tevens de eerste maker die een staf creëerde van Acromantulagif en kreupelhout. Menig andere maker probeerde deze stok na te maken, maar niemand wist het resultaat te behalen. De Franse magiër Tragigue Malentendu is aangeklaagd in 1909 nadat hij een klant een van deze toverstokken verkocht. Vier pasanten lieten hierbij het leven. Stavlov is, afgezien van het maken van meesterlijke toverstokken, ook bekend om het verslaan van de Sloveen Rahlo Prevajanje tijdens de finale van het wereldkampioenschap duelleren in 1898. Al vele jaren gaan geruchten de ronde over Stavlov. Zo zou hij in het bezit zijn van een zeer krachtige toverstok die alle anderen zou overwinnen.
Grindelwald las de laatste zin drie keer over tot het eindelijk bij hem doordrong. `Een zeer krachtige toverstok die alle anderen zou overwinnen,' zei hij. Was dit het? De aanwijzing waar hij zo hard naar had gezocht? Hij scheurde de bladzijde over Stavlov uit het boek en verliet het lokaal. Zou hij Albus laten weten wat hij had gevonden? Of zou het beter zijn eerst op onderzoek uit te gaan. Misschien was er wel niks van waar, of gewoon een gerucht, zoals de tekst deed vermoeden. Zonder er bij stil te staan dat hij sinds de vorige avond niks meer gegeten had en dat hij gewoon les had nu, beende hij met grote stappen door de kille gangen van Klammfels. Hij gooide de grote voordeuren open en liep het terrein af en Verschijnselde naar het het kleine dorpje Magiedorf in Oost-Duitsland, waar hij jaren eerder zijn toverstok kocht in de winkel van Stavlov.
Hij verscheen enkele ogenblikken later voor een groot huis. Het huis stond op een heuvel, op een kleine afstand van het nabijgelegen dorp. Gellert hield het huis een tijd in de gaten. Hij liep meerdere malen zo onopvallend mogelijk om het huis heen om een idee te krijgen hoe het er binnen uit zou zien. Toen het begon te schemeren was hij ervan overtuigd dat er niemand in het huis was. Al die uren dat hij had gekeken was er niks bewogen. Hij keek nog eens goed rond en sloop toen naar de achterdeur. Hij kwam binnen door het zelfde trucje te gebruiken als bij de bibliotheek van Klammfels en keek rond. Gellert stond in de keuken en keek rond. Een lange houten tafel stond in het midden, omringd door vele kastjes en een groot aanrecht. ``Goed, als ik een legendarische toverstok was die alle andere stokken kan verslaan, waar zou ik dan liggen?'' dacht Gellert in zichzelf. Hij keek nog eens rond en verliet toen de keuken en beklom de grote wenteltrap in de gang naar boven. Gellert keek de brede overloop over en bestudeerde elk van de vele deuren zorgvuldig. Op de laatste deur die hij onderzocht was een bord gehangen met daarop een afbeelding van een toverstok. Het gaf Gellert het gevoel dat hij goed zat en opende de deur. Het was donker in de kamer, te donker om iets anders dan schaduwen en schimmen te onderscheiden. `Lumos,' fluisterde hij en de punt van zijn toverstok begon licht te geven. Hij stond in een kamer die volgepakt stond met torenhoge kasten. Elke kast was weer volgepakt met dunne, langwerperige doosjes. `Toverstokken,' zei Gellert tegen zichzelf. Hij liep de ruimte door, zocht tussen de doosjes in de kasten naar een doosje die eruit sprong. Niks, niks gaf enige aanwijzing voor de aanwezigheid van het voorwerp. Was het dan toch niks? Of lag het ergens anders in het huis verborgen? Teleurgesteld liep Gellert een paar stappen naar een raam en plofte neer op de stoel die bij het bureau voor het raam hoorde. Er rolde iets onder een vel perkament vandaan en stootte tegen de vinger van Gellert, die opkeek. Zijn mond viel open van verbazing. Hij herkende het voorwerp meteen, ook al had hij het nog nooit eerder gezien. De Zegevlier lag voor het oprapen! Gretig pakte hij de legendarische toverstok vast. Het voelde gelijk anders dan zijn eigen toverstok. Krachtiger, maar op de een of andere manier voelde hij ook dat dit nog niet alles was. Hij bewonderde de staf en nam elk detail goed in zich op. Plotseling vloog de deur open en een man op leeftijd kwam binnenstormen. Met een geschrokken uitdrukking stapte de oude man op Gellert af. Gellert glimlachtte enkel. Hier was de eerste kans voor de jonge tovenaar om de Zegevlier te testen. Hij richtte de staf op de oude man en riep: `Paralitis' en de oude man viel, geveld door een rode lichtstraal, kreunend op de vloer. `Nee! Kom terug! Je weet niet watje doet!' riep de oude man hem achterna, maar Gellert was al uit het raam gesprongen. Hij landde veilig op de grond en zette het op een lopen. Hij waagde nog een blik over zijn schouder. Stavlov kwam hem niet achterna. Hij vertraagde zijn snelheid naar een looppas en liep door de straten van het dorp. Wat nu? Zou hij naar Albus gaan? Hem vertellen over zijn vondst? Of gewoon alles voor zich zelf houden en Albus niks laten weten? Uiteindelijk kwam hij tot de beslissing. Het moest gedaan worden.
Gellert verscheen weer in het dorpje Goderic's Eind. Hij keek omhoog, naar het huis van de familie Perkamentus. Hij zuchtte en liep naar de deur, waar hij drie keer klopte. Op de bovenverdieping werd een raam omhoog geschoven en het hoofd van Albus stak er uit. `Wie is daar?' vroeg Albus `Albus, ik ben het,' antwoordde hij. `Gellert? Wat kom je hier op dit tijdstip doen?' `Albus, je gelooft nooit wat ik gevonden heb!' `Heb je – je maakt een grapje!' riep Albus opeens en hij verdween uit het zicht. Enkele tellen later opende Albus de voordeur en liet hem binnen. Albus gooide de deur weer dicht. `Laat zien!' eiste hij en hij keek naar Gellert. `Niet hier,' antwoordde deze en Albus knikte. Gellert volgde hem naar boven. De deur links van de trap stond op een kier en een blauw oog begluurde de twee tieners. `Ariana, ga weg,' siste Albus en de deur werd dichtgetrokken. Albus en Gellert stapten Albus' kamer in en Albus sloot de deur. `Goed, laat zien!' zei Albus en Gellert haalde de Zegevlier uit zijn mantel. Er verschenen twinkelende lichtjes in de ogen van Albus. `Je hebt hem,' zei Albus ademloos. `Hoe – hoe weet je dat dit de echte is?' `Je kan het voelen,' zei Grindelwald en hij overhandigde hem de staf. `Je hebt gelijk … je kan het voelen! Dit is … de echte!' Gellert hield ongeduldig zijn hand op, als teken dat hij de staf terug wou. Hij zag dat Albus moeite had met het loslaten. `Hoe heb je hem gevonden?' vroeg Albus en hij knikte naar de toverstok. Gellert vertelde alles vanaf het moment dat hij terugkeerde naar Klammfels. `Dus …' begon Albus nadat Gellert zijn verhaal had verteld. `Je hebt hem gewoon gestolen?' `Kom op,' antwoordde Gellert verdedigend. `Die oude deed er toch niks mee!' `Misschien …' zei Albus lichtelijk teleurgesteld. `Maar nu we hem hebben, wat gaan we er mee doen?' `We?' zei Gellert, lichtelijk geamuseerd. `Hoe bedoel je ''we'',' zei Albus verward. `We zijn een team!' `Nee, nee. Ik heb hem gevonden, niet jij!' zei Gellert en Albus' mond viel open. `Maar-' `Er zit geen Albus in team, Albus,' zei hij. `Wat heb jij nou gedaan om die stok te krijgen, heh? Heb jij nachten lang in een bibliotheek gezeten, op zoek naar ook maar de kleinste aanwijzing? Nee! Heb jij uiteindelijk ontdekt waar de stok was? Nee! Heb jij de stok bemachtigd bij Stavlov? Nee! Je hebt niks gedaan, Albus! Ik heb alle moeite gedaan, dus IK ben de eigenaar van de stok!' zei Gellert, die bij elke zin luider ging praten. `Ongelooflijk,' zei Albus en hij keek Gellert walgend aan. `We waren een team vanaf het begin!' `Klopt, in het begin! Maar, vertel eens, wat heb jij gedaan tijdens mijn afwezigheid? Heb je nog iets gevonden over de andere Relieken? Vast niet! Ik heb alle macht van de wereld, hier, in mijn hand! Waarom zou ik jou nog nodig hebben?!' `We zouden alles samendoen Gellert! Dat was het eerste dat we hadden besloten!' `Ja? Nou, Albus, ik heb nieuws voor je. Regels veranderen zo nu en dan!' `O ja?' zei Albus, die een stap in de richting van Gellert zette. Albus was minstens 1 kop groter dan hem, maar Gellert bleef hem zonder enige angst aankijken. `En nu, Gellert? Wat nu?' `Nu … je weet te veel, Albus. Je zou mijn positie als toekomstig Dreuzeloverheerser in gevaar kunnen brengen. Ik denk dat we allebei weten wat er moet gebeuren.' Langzaam hief Gellert de Zegevlier en wees op het hart van Albus. `Vaarwel … mijn vriend,' zei Gellert zuchtend. `Avada Ked-' De deur vloog open en Ariana stormde naar binnen. Ze ging voor Albus staan met gespreide armen. `Jij gaat mijn broer geen pijn doen, rotzak!' krijste ze. Verrast keek Gellert naat het meisje. `Bemoei je met je eigen zaken!' siste Gellert. `Laat ons met rust!' schreeuwde Ariana zo hard als ze kon. Plots klonk er gestommel op de trap en de deur Desiderius, de jongere broer van Albus, stormde naar binnen. Zijn ogen gleden van Ariana naar Gellert, die nog steeds met zijn toverstaf op haar gericht stond. `Jij!' brulde Desiderius en hij stapte met gebalde vuist op Gellert af. `Impedimenta!' siste Gellert en na een knal vloog Desiderius tegen de muur aan. `Albus …' hijgde hij. `De volgende keer kies ik je vrienden!' `En nu, Gellert?' zei Albus wat kalmer. `Ga je het karwij afmaken of smeer je hem voor je wat overkomt?' Met een vormende glimlach op zijn gezicht wees Gellert de Zegevlier weer op Albus. `Wil je zo graag?' `Kan je echt geen minder geweldadige oplossing bedenken, Gellert?' `Nee,' zei deze. `Crucio!' `Nee!' gilde Ariana en ze sprong voor Albus en ving de rode lichtstraal op. Verschrikt en geschokt keken Albus en Desiderius naar hun zusje, die krijsend en spartelend op de grond lag. Gellert keek naar het meisje op de grond. Een traan gleed langzaam uit de ooghoek van Ariana's oog. De uitdrukking op Gellert's gezicht verraadde dat hij dit nooit gepland had. Desiderius krabbelde overeind en plofte naast zijn zusje neer. `Albus … ze – ze ademt niet meer!' zei Desiderius zacht. `Ze ademt niet meer!' brulde hij opnieuw en hij kwam langzaam overeind. Met een krankzinnig gezicht keek hij Gellert aan. `Jij! Jij moordenaar! Ik vermoord je!' Desiderius greep vliegensvlug zijn toverstok en riep: `Crucio!' Gellert pareerde de vloek met de Zegevlier en de rode lichtstraal boorde zich in de muur, die ontplofte. `Je – je gebruikt een Onvergeeflijke Vloek,' stamelde Albus tegen zijn broer. `Je bent nog geen 17, het Ministerie zal hier zo zijn!' `Dan moeten we dit zo snel mogelijk afhandelen!' antwoordde Desiderius woedend en hij stormde op Gellert af. Albus greep nu ook zijn toverstok en belette Gellert om de kamer te verlaten. `Blasto!' riep Gellert en de broertjes Perkamentus werden omver geblazen door de spreuk. Gellert greep zijn kans en spurtte de kamer uit en verdween. Enkele momenten later kroop Desiderius naar het lichaam van zijn zusje. `Ariana …' zei hij zacht en streelde voorzichtig wat haar voor haar ogen weg. Hij nam haar lichaam in z'n armen en wiegde haar huilend heen en weer. Albus stond er hulpeloos naast, niet wetende wat hij moest doen.
Vanaf dit moment ging alles voorspoedig voor Gellert Grindelwald. Hij zou later bekend worden als één van de meest Duistere tovenaars aller tijden. Na de mislukte moordaanslag op zijn jeugdvriend Albus Perkamentus keerde Gellert terug naar Klammfels, waar hij zijn biezen pakte en vertrok. Vlak voor het vertrek sneed hij met behulp van de Zegevlier het teken van de Relieken van de Dood in een muur op de tweede verdieping. Tevens nam hij het teken aan als zijn persoonlijke teken, voor wat nog komen moest.
41 jaar later
Gellert Grindelwald. De naam die op dit moment in 1945 bij de meeste Europeanen nog elke dag angst inboezemde. Grindelwald, bekend en berucht, onverslaanbaar in duels. Samen met zijn privéleger hebben ze veel bereikt. Het begon snel, toen hij in 1925 de Ministeries van Toverkunst van Zweden en Polen overmeesterde. Niet snel daarna verklaarden de Ministeries van Finland, Noorwegen, Duitsland en Oostenrijk-Hongarije Grindelwald de oorlog. Het was een onwinbare strijd. Grindelwald was oppermachtig in het duel. Nog voor het einde van 1926 lagen ook Noorwegen, Denemarken en grote stukken van het oosten van Duitsland aan zijn voeten. Finland vocht door, maar hun Ministerie van Toverkunst werd uiteindelijk overgenomen in maart 1932. Uiteindelijk moest ook de rest van Duitsland de strijd opgeven. Ondanks alle chaos die Grindelwald veroorzaakte in de vele verschillende landen bleef de grote Europese Tovenaarsoorlog geheim voor de Dreuzels. Het machtige Ministerie van de Sovjet-Unie begon zich ermee te bemoeien en ze maakten een afspraak. Er zou een vrede komen. Maar, vlak na het uitbreken van de Tweede Dreuzel Wereldoorlog werd Grindelwald weer hebberig. Hij gebruikte de chaos van de Dreuzeloorlog in zijn voordeel. Binnen twee weken kreeg hij Tsjechië in zijn macht en begon hij delen van het westen van de Sovjet-Unie in te nemen. De laatste vijf jaar van de tovenaarsoorlog verliep steeds minder soepel. Landen heroverden hun land terug en Grindelwald verloor gebied en vele handlangers. De oorlog werd beëindigt op 23 april 1945, nadat Gellert Grindelwald eindelijk werd verslagen.
23 april 1945
`Heer! Heer!' De schreeuw ontwaakte Gellert uit zijn slaap. Het was nog vroeg in de ochtend. Draegor, zijn adviseur, stormde de slaapkamer binnen. Gellert greep instinctief naar de Zegevlier, die binnen handbereik op zijn nachtkastje lag. De spreuk was al afgevuurd voordat Gellert kon zien wie het gewaagd had hem te ontwaken. Gellert stond op en liep naar een schokkende Draegor, die met een grote snee in zijn nek op de grond lag, nauwelijks in leven. `Draegor?' zei Gellert. `H – heer,' gorgelde Draegor. `Indringer … hij …' Draegor stierf voor hij zijn zin kon afmaken. Zonder om te kijken liep Gellert de slaapkamer uit. Vrijwel meteen kwam Antonov naar hem toe rennen. `Heer! Er is een indringer in de lagere verdiepingen!' `Indringer? Wie?' blafte Gellert en hij liep in een stevige pas naar de trap naar beneden. `Geen idee, heer. Niemand heeft hem ooit eerder gezien!' `Cijfers?' eiste hij. `Toen ik u kwam halen waren Mechog en Holdor gewond en uitgeschakeld, en volgens mij is Severov dood.' `Antonov, zoek Melchski, Böch en Rainer en hou die indringer tegen!' `Gelijk, heer!' zei Antonov en hij stormde weg. Geïrriteerd liep de eigenaar van de Zegevlier de andere kant op. De toren beefde en er klonk een zwaar gerommel van beneden. Een rode lichtstraal vloog rakelings langs hem heen. Gellert draaide zich met een ruk om. Antonov kwam weer naar hem toe rennen. `Antonov, wat doe je hier?' vroeg Gellert kil. `M – Melchski en Böch zijn dood. Rainer, geen idee. Weg, vermist.' `Prutser! Moet ik dan ook alles zelf doen?! Sta hier niet zo te klungelen en houd die indringer tegen!' Antonov rende aarzelend naar de trap naar beneden, maar zakte in elkaar toen hij getroffen werd door een lichtstraal die van beneden kwam. Vlug stormde Gellert de trap naar boven op. Daar zag hij Pomor en Ludvig bij een deur staan. `Vlug, jullie twee,' blafte hij. `Ga naar beneden en stop die indringer!' Gellert rende vlug de gang door, maar niet veel later hoorde hij de doodskreten van Pomor en Ludvig. Al vloekend rende Gellert verder en barricadeerde zichzelf in zijn troonkamer. Er klonken enkele knallen op de gang, en een rode gloed scheen onder het gat onder de deur door. Jachtig keek Gellert om zich heen, op zoek naar een plek om dekking te zoeken. Er beukte iets of iemand tegen de deur aan. `Heer!' klonk een angstige stem van de andere kant van de deur. Gellert negeerde de stem en bleef stil achter de deur staan, want hij wist dat er gevaar dreigde. `Heer, alstublieft! Open de deur! Hij is vlakbij! Hij –' er klonk een knal, en Gellert hoorde een lichaam tegen de deur omlaag glijden. Vlug dook hij naar een donker hoekje, net op tijd, voordat de deur opengebroken werd door een luide knal.Een figuur stapte langzaam naar binnen. Door het schemerduister in de ruimte kon Gellert niet uitmaken wie de indringer was. De gedaante keek rond, waarschijnlijk op zoek naar hem. De indringer liep van hem af, in de richting van het grote bed. Gellert greep zijn kans en sloop op zijn tenen in de richting van de deur. `Avada Kedavra!' brulde Gellert plotseling en de groene lichtstraal schoot op de indringer af. De gedaante had zich echter vliegensvlug omgedraaid en zwiepte met zijn eigen toverstaf. De groene lichtstraal maakte rechtsomkeert en vloog rakelings langs Gellert heen en explodeerde in de muur. Gellert rende voor zijn leven door de deuropening, op de hielen gezeten door de indringer. Enkele lichtstralen vlogen hem om de oren. `Gellert!' riep een dreigende maar bekende stem. Gellert durfde niet om te kijken en bleef rennen. Hij kwam aan bij een grote trap die naar het dak van de toren leidde en vloog naar boven. Hij kon horen hoe grote stukken van de stenen trap achter hem explodeerden. Hij beukte de deur aan de bovenkant van de trap open en stormde het dak op, gooide de deur achter zich dicht, barricadeerde deze haastig en rende naar de andere kant van het dak, waar hij met zijn toverstok gereed in de aanslag ging staan. Nog geen drie seconden later klonk er een zware dreun en de deur werd uit zijn scharnieren geblazen. `Jij?!' zei Gellert verbaasd en verrast toen hij eindelijk kon zien wie de indringer was. `Albus?' fluisterde Gellert ongelovig. `Ja,' zei de kalme stem van Gellert's voormalige vriend. `Wat … kom je hier doen?' vroeg Gellert, die heel langzaam naar achteren liep. `Men heeft mij gevraagd jou tegen te houden,' zei Albus kalm. `Oh, en het is gelijk een goede manier om eindelijk wraak te nemen voor Ariana, niet waar?' `Wraak – maar ik –' `Niet elke dag vermoord je beste vriend je zusje. Dit kan maar op één manier recht gezet worden! Tijd dat je afstand doet van die toverstaf. Je hebt er al genoeg schade mee aangericht.' Gellert keek eerst verbouwereerd naar zijn voormalige vriend, maar zijn blik veranderde al snel in een hatelijke grijns. `Ze had gewoon aan de kant moeten gaan! Dan was er niks gebeurd! En afstand van de Zegevlier? Wou jij hem hebben? Kom hem maar halen dan!' Met een wilde schreeuw haalde Gellert uit met de Zegevlier en het hele dak trilde. Albus leek totaal niet onder de indruk en deed niks. Gillend zwiepte Gellert weer met de staf, en een zilveren lichtflits vloog in de richting van Albus, die op het allerlaatste moment supersnel de vloek blokkeerde. Albus richtte zijn eigen toverstok en stuurde een witte lichtstraal op Gellert af. Gellert reageerde door iets te roepen waardoor de spreuk van Albus in de lucht bleef hangen en verslagen op de grond viel. Gellert kwam in beweging en begon langzaam rondjes om Albus te draaien. `Geef nou maar op voor er gewonden vallen, Albus!' riep Gellert en hij hield de Zegevlier iets hoger. `Avada Kedavra!' bulderde Gellert en de groene lichtstraal vloog rakelings langs Albus heen en vond zijn doel in de net verschenen volgeling van Gellert in de deuropening. Zonder ook maar één woord uit te kunnen brengen viel de man achterover en viel de trap af. `Het is beter als je je personeel de volgende keer gewoon ontslaat,' zei Albus grinnikend en hij vuurde zelf een spreuk af. `Pyros!' gilde Gellert als antwoord, maar Albus doofde de nauwelijks verschenen vuurbal met een enorme straal water. `Naturliga Urvalet!' krijste Gellert en hij vuurde een krachtige zwarte vuurstraal op zijn vriend af. Albus klapte zijn handen tegen elkaar aan terwijl hij zijn staf nog vast had en het zwarte vuur splitste zich en bewoog langs hem heen. `Bombarda!' riep Albus, maar Gellert wist over de spreuk heen te springen. De spreuk raakte de grond, een paar meter achter Gellert, en bracht Gellert aan het wankelen door de schokgolf. Albus ging genadeloos door en riep: `Expelliarmus!' Gellert pareerde de vloek echter op het allerlaatste moment en reageerde vlug. `Tarantarella!' Albus werd getroffen en zijn benen schopten wild alle kanten op. `Flipendo!' ging Gellert door en Albus werd hardhandig omver geduwd door de spreuk en lag spartelend met zijn benen op de grond. Terwijl Albus druk bezig was met het ongedaan maken van de bezwering die over hem was uitgesproken, was Gellert al in de weer met moeilijke en ingewikkelde toverstokbewegingen, waarmee hij los liggende stenen uit het gapende gat in het dak optilde. Met een laatste beweging in de richting van Albus vlogen de stenen op hem af. Deze rolde vlug opzij, vanwege zijn benen die nog steeds alle kanten op vlogen. De eerste brokstukken maakten grote deuken in het dak, op de plekken waar Albus momenten eerder nog lag, maar voor de laatste lading gebruikte Albus `Protego,' om zichzelf te beschermen. Albus zwiepte met z'n staf en Gellert werd gevloerd door een onzichtbare kracht. Vlug wees Albus met zijn staf naar zijn benen en mompelde: `Finite Incantatem.' Gelijk stopten zijn benen met bewegen. Een beetje trillend stond Albus weer op en wees zijn staf op Gellert, die half overeind was gekomen. `Blasto!' riep Albus vlug en Gellert werd naar achteren geblazen door een plotseling verschenen rukwind. Gellert keek achterom en zag met grote ogen hoe de rand van de toren dichterbij kwam. `Nee!' riep hij en hij probeerde zich met zijn handen ergens aan vast te houden. Albus hield zijn staf nog wat steviger vast en draaide deze lichtjes, waardoor de wind alleen maar krachtiger werd. `Albus, alsjeblieft!' riep Gellert en hij voelde hoe zijn voeten over de rand gleden. Albus deed een stap in de richting van Gellert en zag Gellert over de rand verdwijnen. Vlug hief hij zijn staf op en de wind ging direct liggen. Albus liep naar de rand en zag hoe Gellert zich wanhopig aan de rand vasthield. De Zegevlier lag net buiten zijn handbereik op het dak. Albus raapte de Doodsstok op en liet het in zijn handen ronddraaien. `Dus zo voelt het …' mompelde hij met een verleidelijke ondertoon in zijn stem en zijn ogen gleden naar Gellert, die hulpeloos aan de rand van het dak hing. `Albus … mijn vriend, help me!' kreunde Gellert en twee vingers lieten zijn greep los. Albus deed een stap in de richting van Gellert. `Mijn missie was het beëindigen van jouw tirannie. Je laten leven zou kunnen betekenen dat je gewoon doorgaat.' `Je – je hebt me verslagen, Albus,' zei Gellert moeizaam en hij probeerde zijn grip te verstevigen, maar in plaats van het gewenste resultaat te behalen lieten nog twee vingers los. `Je verdient het niet te sterven,' mompelde Albus. `Je kan je daden overdenken.' Albus stak zijn hand uit, en Gellert greep de hand krampachtig vast. Albus trok hem met gemak omhoog en zette hem op vaste grond neer. `Er zijn Schouwers beneden, Gellert,' zei Albus en hij stapte in de richting van de trap. Gellert bleef staan en reikte langzaam naar zijn sok, waar hij een kleine toverstok uit haalde. Hij vuurde een non-verbale snijvloek op af op Albus, maar deze draaide zich op het allerlaatste moment om en ketste de vloek af door met de Zegevlier te zwiepen. `De Zegevlier behoort mij toe!' riep Gellert. `Ah, de staf erkent zijn nieuwe meester al,' zei Albus en hij ontwapende Gellert. Gellert bleef verslagen staan op het dak. Albus daalde de trap af en Gellert keek over de rand van de toren. Wat nou als hij eraf sprong en zichzelf een vernederende arrestatie bespaarde. Voor hij echter een beslissing kon maken zag hij hoe Albus alweer achter hem stond, geflankeerd door vier ruw uitziende mannen gekleed in lange mantels. `Wat gaan we doen, Gellert? Spring je als een lafaard van je eigen bouwwerk af, of aanvaard je je einde als een man?' Gellert keek nog één laatste keer over de rand heen, maar liep uiteindelijk op Albus en de Schouwers af, waar hij zich omdraaide met zijn handen op zijn rug. Een van de Schouwers bond hem vast door touwen tevoorschijn te toveren en Gellert werd afgevoerd. `Val niet voor de macht, Albus!' riep Gellert hem na, maar hij viel stil toen een van de Schouwers hem in zijn maag stompte. Gellert werd de trap afgeduwd en hardhandig weer overeind getrokken door een van de Schouwers. Ze sleepten hem de hele toren door, tot ze uiteindelijk bij een enorme galerij vol met celdeuren aankwamen. De Schouwer die vooraan liep zocht een lege cel, en opende deze. Ze gooiden de vorige meester van de Zegevlier ruw tegen de kille muren van de cel aan en gooiden de deur dicht. De bouwer van de gevangenistoren staarde uren lang naar de muur zonder ook maar één keer op te kijken. De meester van de Zegevlier was dus toch niet oppermachtig. De legendarische toverstok was toch verslaanbaar.
Dit bericht is gewijzigd op 08-06 23:19.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
lieke
|
Geplaatst op 09-06-2011, 21:53 |
Reageer
|
Berichten: 2720
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Geniaal O.O, en dan:
'Heer, alstublieft Open de deur Hij is vlakbij Hij –' er klonk een knal, en Gellert hoorde een lichaam tegen de deur omlaag glijden.
Zo droog
Prachtig, meeslepend en mooi hoe je erin evrverkte dat gellert uit eht raam sprong bij stavlov
En dan die namen reeks aan eht begin van eht stuk 23 april.... geniaal dat jij op zoveel namen komt jij dacht vast 'Ik ga ff namen strooien'
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"That went well" -'Expecto Patronum' 'Lily? After all those years?' 'Always' - 'You have your mother's eyes' |
|
|
|
|
fleur
|
Geplaatst op 10-06-2011, 22:04 |
Reageer
|
Berichten: 1429
moderator
Verstuur privé bericht
|
Heb hem gelezen, zoals je van me vroeg Het was zeker een goed verhaal, maar er zaten ook een aantal fouten in. Zo waren je zinnen niet altijd kloppend, mistte er af en toe een komma in de zin en waren er fouten in je woordgebruik. Waar je ook de fout bij in ging, was verleden tijd en tegenwoordige tijd, deze gebruikte je door elkaar heen.
Maar voor het helemaal negatief lijkt, het was wel een leuk en boeiend verhaal, al stoor ik me wel snel aan de bovengenoemde punten
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Friendship isn't about who came first and who you've known the longest. It's about who came and never left. |
|
|
|
|
Scarlett
|
Geplaatst op 11-06-2011, 22:31 |
Reageer
|
Berichten: 1313
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
. Er beukte iets of iemand tegen de deur aan. `Heer!' klonk een angstige stem van de andere kant van de deur. Gellert negeerde de stem en bleef stil achter de deur staan, want hij wist dat er gevaar dreigde. `Heer, alstublieft! Open de deur! Hij is vlakbij! Hij –' er klonk een knal, en Gellert hoorde een lichaam tegen de deur omlaag glijden.
|
erg goed verhaal, mooi geschreven en leest lekker weg
alleen lijkt het me sterk dat Perkamentus een weerloze man zomaar zou vermoorden
Dit bericht is gewijzigd op 11-06 22:31.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
'Any fool can tell the truth, but it requires a man of some sense to know how to lie well.' |
|
|
|
|
Evilwitch
|
Geplaatst op 12-06-2011, 08:17 |
Reageer
|
Berichten: 1122
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Je moet bedenken dat Perkamentus verliefd is geweest op die Grindelwald hè? Hij was verliefd op hem, G liet hem in de steek, wees hem af en vermoordde zijn zusje (in deze versie dan ) en probeerde zelfs Perkamentus zelf te doden... Ik zou woest zijn!
@ Offtopic: En ik had laatst het meest briljante idee... Weten jullie nog dat Voldemort jaren lang in Albanië is geweest? Ik heb het vermoeden dat Stavlov daar woonde en dat hij er het spoor van de Zegevlier nazocht. Misschien is zelf Klammfels er wel gevestigd! Weet iemand of JK er wel eens wat over heeft gezegd in een interview? En wat denken jullie?
Ik ben je verhaal aan het lezen SD, tot nu toe (dood Ariana) erg goed! Ik schrijf er meer over als ik het uit heb 
Edit: Ik heb je verhaal uit, hier mijn reactie:
+ Een soepel lopend, mooi verhaal dat boeit van het begin tot het eind. Het neemt je echt mee + Ondanks dat het verhaal vanuit één persoon is geschreven kun je je goed inleven in beide karakters + Mooi hoe de dreuzeloorlog erin is verwerkt met dat krantenartikel! En dat brengt me bij het volgende punt.. + De afwisseling in korte en lange stukjes, beschrijven en dialoog, puur verhaal en andere schrijfvormen zijn goed afgewisseld zodat je echt verder wilt lezen (stuk uit boek, krant) + Je bent erg trouw aan het boek gebleven maar hebt vrije ruimtes gebruikt voor je eigen fantasie. Ik heb het idee dat ik nu een stuk meer weet over Albus en Gellert zónder dat het niet meer klopt met de boeken + Een heel sterk einde... Wauw! - Avada Kedavra kan je niet afweren! Je kan hem ontduiken maar verder is er geen enkele mogelijkheid de vloek te overleven.. - Het is me niet helemaal duidelijk wat er met Albus is gebeurd na de aanval in zijn huis... Wist het Ministerie dat het Grindelwald was en hebben ze daarom Perkamentus niet veroordeeld? (Onvergevelijke Vloek red.) - Ondanks wat ik hierboven schreef ben ik wel met Scarlett eens dat hij wel erg veel mensen vermoord... hij had ze ook kunnen Verlammen (wat hij óók doet (rode gloed onder de deur door) maar hij vermoord er toch een stuk of 8.. )
Sterk, boeiend verhaal met wat kleine schoonheidsfoutjes wat je goed in doet leven in de hoofdpersonen en een prachtige afsluiting heeft.
Verder zijn de overeenkomsten tussen onze verhalen echt héél erg groot! Ongelooflijk toevallig dat we praktisch over hetzelfde hebben geschreven zonder dat we dat van elkaar wisten! En op sommige punten ook weer heel anders (Ariana's dood, jij schrijft vanuit Grindelwald en ik vanuit Perkamentus, wanneer Grindelwald de Zegevlier bemachtigd, le grand finale..) Toch passen ze best goed naast elkaar (op Ariana na dan ) Ik had (enigszins verborgen) de oorlog er ook in verwerkt door het gevecht op bevrijdingsdag plaats te laten vinden. Ik vond het mooi om dat samen te laten lopen
Dit bericht is gewijzigd op 12-06 08:59.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Blue Caterpillar: "Who are you?" Alice Kingsley: "Absolem?" Blue Caterpillar: "You're not Absolem. I'm Absolem. Stupid girl." |
|
|
|
|
Christiane
|
Geplaatst op 16-06-2011, 15:05 |
Reageer
|
Berichten: 552
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
+mooi en gedetailleerd geschreven +duel tussen Albus en Grindewald mooi beschreven, lang genoeg om het niet te vlug af te raffelen en niet te lang om het saai te laten zijn -spellingfouten! -Ik vond het niet helemaal duidelijk hoe de zonde wegging
En over je spellingsfouten, ik heb ze even dikgedrukt:
-De Franse magiër Tragigue Malentendu is aangeklaagd in 1909 nadat hij een klant een van deze toverstokken verkocht. Vier pasanten lieten hierbij het leven. -het zijn passanten, met 2 s-en -. Hij kwam binnen door het zelfde trucje te gebruiken als bij de bibliotheek van Klammfels en keek rond. Hetzelfde kan aan elkaar -Hij gooide de grote voordeuren open en liep het terrein af en Verschijnselde naar het het kleine dorpje Magiedorf in Oost-Duitsland, waar hij jaren eerder zijn toverstok kocht in de winkel van Stavlov. verschijnselde zonder hoofdletter -Nee! Kom terug! Je weet niet watje doet!' riep de oude man hem achterna, maar Gellert was al uit het raam gesprongen. ik denk niet dat je watje boedoelt -Kan je echt geen minder geweldadige oplossing bedenken, Gellert?' dubbel d -Het begon snel, toen hij in 1925 de Ministeries van Toverkunst van Zweden en Polen overmeesterde. Niet snel daarna verklaarden de Ministeries van Finland, Noorwegen, Duitsland en Oostenrijk-Hongarije Grindelwald de oorlog. Oostenrijk-Hongarije bestaat al sinds 1918 niet meer
Dat was hem haha
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Las cosas más hermosas en la vida no se ven, sino que siente el corazón. (the most beautiful things in life are not seen, but felt by heart.) |
|
|
|
|
|
|
xhermoine
|
Geplaatst op 16-06-2011, 16:42 |
Reageer
|
Berichten: 677
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beoordeling:
Gaaf verhaal Superdreuzel, mooie titel ook! Net als wat ik bij Evilwitch heb zegt: Je hebt een gebeurtenis gebruikt die echt heeft bestaan maar waar je niet veel over weet en ik vind dat altijd heel erg knap als je er dan nog iets geloofwaardigs van kunt maken. Ik vind ik ook leuk dat je Klammfels hebt beschreven als gebouw en dat je ook in je verhaal meer tijd besteed aan Grindelwald en hoe zijn tijd op school was. Ook leuk trouwens dat je al die jaartallen hebt bedacht en wat er toen gebeurt is. Dat geeft het verhaal voor mij wat extra diepgang. Ik heb wel een paar kleine spelling fouten en typ fouten ontdekt maar voor de rest een ontzettend goed verhaal!
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
''When you got nothing, you got nothing to lose.'' - Jack Dawson, Titanic |
|
|
Superdreuzel
|
Geplaatst op 16-06-2011, 16:56 |
Reageer
|
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 16-06-2011, 16:42 xhermoine schreef:
Beoordeling:
Gaaf verhaal Superdreuzel, mooie titel ook! Net als wat ik bij Evilwitch heb zegt: Je hebt een gebeurtenis gebruikt die echt heeft bestaan maar waar je niet veel over weet en ik vind dat altijd heel erg knap als je er dan nog iets geloofwaardigs van kunt maken. Ik vind ik ook leuk dat je Klammfels hebt beschreven als gebouw en dat je ook in je verhaal meer tijd besteed aan Grindelwald en hoe zijn tijd op school was. Ook leuk trouwens dat je al die jaartallen hebt bedacht en wat er toen gebeurt is. Dat geeft het verhaal voor mij wat extra diepgang. Ik heb wel een paar kleine spelling fouten en typ fouten ontdekt maar voor de rest een ontzettend goed verhaal!
|
Thanks
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Ginny-w
|
Geplaatst op 18-06-2011, 09:21 |
Reageer
|
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ik vind je verhaal echt heel erg mooi beschreven, het is allemaal goed opgebouwd. Het enige wat mij niet duidelijk is, is door wie Gellert nou geobsedeerd raakt door de toverstok.
+ Mooie titel. + Goede opbouw van het verhaal. + Goede beschrijving van waar Gellert zich op het moment bevindt. - Je hebt soms de neiging om woorden in zinnen die achter elkaar komen vaker te gebruiken. Probeer daar op te letten. - Paar onnodige schrijffouten.
Plots klonk er gestommel op de trap en de deur Desiderius, de jongere broer van Albus, stormde naar binnen.
Deze zin klopt niet helemaal.
Gemiddelde cijfer: 8,2.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|