Superdreuzel Geplaatst op 19-04-2011, 17:40 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

You may not tell lies

Daar zat ik dan. Geluidloos huilend op de grond. Mijn handen had ik voor mijn ogen geslagen zodat niemand zou kunnen zien dat ik huilde. Hoe had het in vredesnaam zou ver kunnen komen?
Ik dacht terug aan die ene ochtend. Die ene ochtend toen ik die ene brief kreeg. De brief waar het allemaal mee begonnen was.

Ik had zomervakantie. Het was ’s ochtends en mijn moeder had me net geroepen voor het ontbijt. Mijn vader en moeder zaten al aan tafel toen ik beneden kwam. ‘Goedemorgen,’ zei mijn moeder. Zoals altijd glinsterden haar groene ogen vrolijk. Zij leed totaal niet aan een ochtendhumeur, ze was altijd vrolijk en haar bruine krullen had ze netjes in een knot gedaan. Mijn vader leed daarentegen wel aan een ochtendhumeur. Hij had de moeite genomen om zijn zwarte haren netjes te doen, maar zijn bruine ogen keken dof naar het eten. ‘Goedemorgen,’ zei ik vrolijk terug. Mijn vader bromde wat en ging weer door met eten.
   Toen we klaar waren met eten keek mijn moeder op de klok. ‘Dorothea, wil jij even de post halen?’ vroeg ze aan mij, terwijl ze op stond en de borden naar de keuken bracht. Waar ze de borden met behulp van haar toverstok zichzelf lieten schoonmaken en afdrogen. ‘Natuurlijk,’ zei ik en ik stond op en liep naar de hal. Ik was niet gek, ik wist wel waarom ik steeds elke ochtend de post moest halen. Mijn ouders hoopten natuurlijk dat er een brief van Zweinstein zou liggen. Een toverschool voor jonge heksen en tovenaars.
Ik had al meerdere keren tekens van toveren laten zien, dus ik was er vrijwel zeker van dat ik die brief zou krijgen. In de hal aangekomen zag ik dat er een stapeltje brieven lag. Zoals elke ochtend keek ik ze even door. Mijn hart ging te keer toen ik in een krullerig handschrift mijn naam op een envelop zag staan. Vlug liep ik naar de keuken.
‘Mam!’ riep ik blij. ‘Is dit hem? Is dit die brief?’
Mijn moeder draaide zich vlug om en liep naar me toe. Ze glimlachte breed toen ze de envelop zag. ‘Ik denk het wel ja,’ zei ze. ‘Maak maar open.’
Met trillende handen maakte ik de envelop open. Ik las hardop voor wat er geschreven stond:

ZWEINSTEINS HOGESCHOOL VOOR HEKSERIJ & HOCUS-POCUS

Hoofd: Armando Wafelaar

Geachte mevrouw Omber,

Het doet me genoegen u te kunnen mededelen dat u in aanmerking komt voor een plaats aan Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus-Pocus. Bijgaand treft u een lijst aan van schoolboeken en andere benodigdheden.
Het schooljaar begint op 1 september.
Gelieve vóór 31 juli per uil te reageren.

Hoogachtend,
Evelyn Measen,
Assistent-schoolhoofd


Nog steeds breed glimlachend liep mijn moeder naar de woonkamer. Daar pakte ze een rol perkament, een veer en inkt. Ze schreef er wat op, deed het in een envelop en bond die aan de poot van onze uil die altijd de brieven bracht als we tovenaars of heksen een brief stuurden.
Terwijl de uil weg vloog bedacht ik me dat die brief waarschijnlijk voor die ene Evelyn Measen zou zijn. Gelieve vóór 31 juli per uil te reageren. Dat moest het wel zijn. ‘Dan gaan we vandaag maar gelijk naar de Wegisweg,’ zei mijn moeder vrolijk.
‘Elisabeth, ik moet vandaag werken. Dus ik kan niet mee. Maar jullie kunnen wel gewoon met z’n tweetjes gaan,’ zei mijn vader tegen mijn moeder.
‘Weet je het zeker George?’
Mijn vader knikte.
‘Goed, dat wordt dan met z’n tweetjes naar de Wegisweg Dorothea,’ zei mijn moeder.
Mijn vader stond op om zijn jas aan te doen en naar zijn werk te gaan. Voor hij dat deed gaf hij mijn moeder een kus op haar voorhoofd en mij een knuffel. ‘Tot vanavond,’ zei hij nog voor hij naar de hal liep om zijn jas aan te doen en vervolgens naar buiten om naar zijn werk te verdwijnselen.
‘Waarom moet vader toch altijd werken?’ vroeg ik somber. ’Hij heeft niet eens tijd om met ons naar de Wegisweg te gaan.’
‘Werken is nou eenmaal iets dat moet, lieverd, daar kunnen we niks aan doen,’ zei mijn moeder troostend.
Ik zuchtte. Ik wilde dat ik daar wel wat aan kon doen en dat mijn vader gewoon mee kon naar de Wegisweg, ook al was hij niet altijd de gezelligste persoon. Zoiets hoorde toch gewoon? Dat je vader mee ging naar de Wegisweg om voor het eerst spullen te kopen voor Zweinstein. Maar diep van binnen wist ik wel dat ik daar echt niks aan kon veranderen.  

De dagen na de dag dat we naar de Wegisweg waren gegaan gingen naar mijn idee veel te sloom voorbij. Ik kon niet wachten tot 1 september. Mijn moeder vertelde me allerlei verhalen over Zweinstein. Dingen die ze zelf had meegemaakt, maar ook dingen die dagelijks gebeurden. Zoals dat sommige treden van de trappen verdwenen, de geesten die er waren etc. En natuurlijk vertelde ze over de afdelingen. Ook al wist ik allang welke afdelingen er waren. Mijn vader had in Zwadderich gezeten en mijn moeder in Huffelpuf. Mijn vader hoopte dat ik in Zwadderich kwam. Mijn moeder maakte het niet heel veel uit. Elke afdeling had zo zijn eigen speciale eigenschappen. En waar ik ook in kwam, het zou ongetwijfeld goed bij mij passen. Mijn moeder was een echte Huffelpuffer. Ze was trouw, geduldig en een harde werkster. Mijn vader was precies het tegenover gestelde. Hij had wel iets van sluw in zich en was zo trots als maar zijn kon.
En toch was hij verliefd geworden op mijn moeder. Terwijl ze een Huffelpuffer was. Zijn ouders hadden er geen probleem van gemaakt toen hij aan ze had verteld dat hij met haar  wilde trouwen; het waren immers Dreuzels en ze hadden er geen idee van hoe het er in de toverwereld normaal gesproken aan toe ging. Mijn moeders ouders hadden er ook geen moeite mee. Ook zij waren echte Huffelpuffers. Zolang mijn moeder maar gelukkig was, dat was het enige dat telde.
Ik vroeg me elke dag af in welke afdeling ik zou komen. Ik had de eigenschappen van Huffelpuf, maar ik wilde niet in Huffelpuf. Nou ja, voor mezelf vond ik het niet zo erg. Maar ik wilde mijn vader niet teleurstellen. Ik moest gewoon in Zwadderich komen.

Eindelijk brak de dag 1 september aan. Mijn hutkoffer en het kooitje van mijn kat stonden al beneden in de hal. Met mijn kat in mijn armen liep ik naar beneden. Ik stopte haar eerst in haar kooitje voordat ik naar mijn ouders, die in de woonkamer waren, liep. ‘Zullen we gaan?’ vroeg ik opgewonden.
Mijn moeder keek op de klok. ‘Goed idee, dan zijn we tenminste een beetje op tijd.’
Gelukkig hoefde mijn vader vandaag niet te werken. Eindelijk had hij een dagje vrij. Mijn vader nam mijn kat en mijn hutkoffer mee naar buiten. Mijn moeder pakte mijn hand vast. ‘We gaan verdwijnselen,’ zei ze tegen mij.
Ik kon even niet goed meer ademhalen en voelde me een beetje misselijk, maar zo snel als het gekomen was, zo snel was het ook weer weg. We verschenen op het King’s Cross station. Mijn hutkoffer en kat had mijn vader op een kar gezet.
‘Goed, lieverd, je moet naar die muur lopen,’ zei mijn moeder en ze wees naar de muur tussen perron 9 en 10. Ik wist wat er zou gebeuren, anders had ik mijn moeder waarschijnlijk voor gek verklaard.
En inderdaad, zoals verwacht kwam ik aan op perron 9 ¾. Ik zag de vuurrode trein en glimlachte breed. Eindelijk ging ik naar Zweinstein. Mijn ouders verschenen nog geen minuut later achter mij.
‘Stap maar alvast in,’ zei mijn moeder. ‘Dan kun je een goed plaatsje in een van de coupés vinden.’
Ik knikte en omhelsde mijn moeder. Daarna mijn vader. ‘Tot in de vakantie,’ zei ik.
‘Veel plezier lieverd,’ zei mijn moeder en ze gaf me een kus op mijn wang.
‘Dankje. Dag pap, dag mam,’ zei ik, voordat ik naar de trein liep.
‘Dag,’ zei mijn vader. Ik zag hem eventjes glimlachen.
Toen ik in de trein was bleef ik nog even voor een raam staan en zwaaide naar mijn ouders voordat ik een goede coupé zocht. Ik vond een coupé die leeg was en besloot dat ik hier maar beter kon gaan zitten. Ik zag wel wie erbij kwam zitten.
Pas toen de trein al aan het rijden was ging de coupédeur open. ‘Mag ik erbij komen zitten?’ vroeg een meisje. Ze had lange, bruine, krullen en blauwe ogen.
Ik knikte. ‘Natuurlijk.’
Ze ging tegenover mij zitten. ‘Ik ben Emily,’ stelde ze zichzelf voor.
Ik glimlachte. ‘Ik ben Dorothea,’ zei ik.
‘Ook een eerstejaars?’
Ik knikte. ‘Heb jij al enig idee in welke afdeling je gaat komen? Ik denk dat ik in Huffelpuf kom. Mijn beide ouders hebben in Huffelpuf gezeten.’
‘Ik zou ook in Huffelpuf kunnen komen, mijn moeder heeft in Huffelpuf gezeten. Maar mijn vader in Zwadderich, dus ik zou ook in Zwadderich kunnen komen.’
Emily keek verbaasd. ‘Je vader heeft in Zwadderich gezeten?’ vroeg ze.
Ik knikte. ‘Ik weet dat het raar klinkt, maar toch is het zo.’
‘Wauw,’ mompelde Emily onder de indruk.

Daar stonden we dan, wachtend in de rij. De treinreis was soepel verlopen. Niemand was bij Emily en mij komen zitten. Dus Emily en ik hadden de hele coupé voor onszelf gehad. We hadden gekletst en snoep gekocht toen het snoepkarretje voorbij kwam. En toen een stem omriep dat we er bijna waren, hadden we ons vlug omgekleed.
Nu stonden we in een rij, wachtend tot onze naam geroepen werd. We werden ingedeeld in een afdeling. Het moment waar ik al dagen naar uit had zitten kijken. Professor Measen, lerares Kruidenkunde en tegelijkertijd afdelingshoofd van Huffelpuf, had ons van te voren verteld welke afdelingen er waren en wat hun eigenschappen waren.
Steeds werd er iemand naar voren geroepen en ingedeeld in een afdeling. Langzamerhand kwam ze bij de O. ‘Omber, Dorothea,’ las professor Measen voor van de lijst die ze in haar handen had en haar blauwe ogen keken naar de rij om te zien welke leerling naar voren stapte. Trillend liep ik naar voren. Laat het alsjeblieft Zwadderich worden, dacht ik. Wat zal mijn vader trots op me zijn.
Professor Measen zette de Sorteerhoed op mijn hoofd toen ik op de kruk zat en ik wachtte af. ‘Hmm,’ hoorde ik hem zeggen. ‘Trouw… Geduldig… Ik weet het al. HUFFELPUF.’
Als versteend keek ik naar de tafel van Huffelpuf die in juichen uitbarstte. Huffelpuf? Huffelpuf? Professor Measen had de Sorteerhoed al van mijn hoofd gehaald en ik wist dat ik nu eigenlijk blij naar de tafel van Huffelpuf hoorde te lopen. In plaats daarvan liep ik dof voor me uit starend naar de tafel van Huffelpuf.
Het kon niet waar zijn, dacht ik. Huffelpuf. Van binnen vervloekte ik de afdeling. Ik wilde helemaal niet in Huffelpuf! Zo kon ik mijn vader niet trots maken. Voor mezelf maakte het niet veel uit. Maar mijn vader… Ik werd wakker geschut door Emily. Ik was blijkbaar naast haar gaan zitten en ze schudde mijn hand. ‘Gefeliciteerd!’ riep ze blij. ‘We zitten beiden in Huffelpuf.’
‘Ja,’ mompelde ik. ‘Jij ook gefeliciteerd.’
De rest van de avond ging als een waas voorbij. Het heerlijke eten proefde ik niet echt en Emily’s gebabbel drong niet tot me door. Ik was aan het bedenken hoe ik toch in Zwadderich zou kunnen komen. Zou ik naar het schoolhoofd kunnen gaan en zeggen dat ik helemaal niet in Huffelpuf wilde zitten? Dat ik in Zwadderich wilde om mijn vader trots te maken? Nee, dat zou waarschijnlijk idioot over komen.
Ik kon natuurlijk ook mijn vader laten denken dat ik in Zwadderich zat, bedacht ik me toen we naar de leerlingenkamer van Huffelpuf liepen. Ik schreef mijn ouders gewoon een brief waarin stond dat ik in Zwadderich was gekomen. In de vakanties werd het natuurlijk wel wat lastiger. Ik zal mijn schoolkleding zelf moeten wassen. Anders zou mijn moeder erachter komen dat ik eigenlijk in Huffelpuf zit.
Dat ging ik doen. Morgenochtend zou ik mijn ouders een brief schrijven waarin stond dat ik in Zwadderich zat. Eindelijk wist Emily mijn aandacht te trekken. ‘Dorothea?’ vroeg ze twijfelend.
Ik knipperde met mijn ogen. ‘Sorry, vroeg je iets?’
‘Ja, zullen we naar de slaapzalen gaan?’
‘O, ja, goed idee,’ zei ik en ik volgde Emily naar de slaapzalen.
‘We delen samen een kamer,’ zei ze blij. ‘Met nog een paar andere meisjes, namelijk met Natascha, Emma en Maartje.’ Ze las het voor van een bordje waar onze namen krullerig op geschreven stonden.
We gingen naar binnen en zochten een bed uit. Ik kleedde me om en lag al snel in bed. ‘Ik ben moe,’ verklaarde ik aan Emily. Het was immers nog vroeg toen ik ging slapen. Maar ik wilde dat het zo snel mogelijk ochtend was, zodat ik mijn ouders een brief kon schrijven. En met die gedachte viel ik in slaap.   

Die ochtend werd ik vroeg wakker. Nu kon ik pas echt goed zien hoe de slaapzaal eruit zag. De slaapzaal had een houten vloer. De bruine kleur gaf je een warm gevoel. De lakens van de hemelbedden waren donkergeel, waardoor het een beetje op oranje/bruin leek. De poten van het bed deden me denken aan korinthische zuilen, zo mooi versierd waren ze.
En als laatste merkte ik op dat het raam dat we hadden uitkeek over de groene velden van Zweinstein. Ik herinnerde me dat mijn moeder me had verteld dat deze ramen betoverd waren. De Huffelpuffers in de slaapzaal konden wel naar buiten kijken, maar als je bijvoorbeeld een Griffoendor was en je liep langs die muur, zou je de ramen niet zien.
   Nadat ik even naar buiten gekeken had kleedde ik me vlug om, kamde mijn haren en liep naar de leerlingenkamer. Ik had een rol perkament, envelop, veer en inkt meegenomen en begon te schrijven:

Lieve pappa en mamma,

De treinreis is goed gegaan. Ik heb gelijk al een meisje ontmoet: Emily. Maar ik schrijf eigenlijk deze brief om jullie te vertellen in welke afdeling ik ben gekomen. Ik zit in Zwadderich! Hopelijk zijn jullie er blij mee, ik in ieder geval wel.

Liefs,

Dorothea


Ik vouwde de brief dubbel en deed deze in de envelop. Daarop schreef ik: Voor meneer en mevrouw Omber. Voordat ik naar de Uilenvleugel ging liep ik eerst nog even naar de slaapzalen om daar mijn veer en potje inkt neer te leggen.
Ik moest via een ondergrondse tunnel en kwam uit bij ronde kamerdeuren. Toen ik in mijn slaapzaal was legde ik mijn veer en potje inkt stilletjes op mijn nachtkastje om de rest niet wakker te maken, daarna sloop ik de slaapzaal weer uit.
De Uilenvleugel had ik gelukkig snel gevonden. Ik zocht een geschrikte uil uit en bond de brief om zijn poot. ‘Deze moet naar meneer en mevrouw Omber,’ zei ik tegen de uil. De uil kraste en vloog weg. Langzaam liep ik weer terug naar het kasteel. Ik had nog alle tijd, het was immers pas zeven uur.  
Toen ik in het kasteel was aangekomen zag ik al leerlingen naar de Grote Zaal lopen. Ik had blijkbaar lang over mijn wandeltochtje gedaan. Ik liep ook naar de Grote Zaal en schoof aan bij de tafel van Huffelpuf. Vijf minuten later kwam Emily naast mij zitten. ‘Waar was je?’ vroeg ze terwijl ze wat eten opschepte.
‘Even naar de Uilenvleugel. Ik was vroeg wakker en heb een brief naar mijn ouders geschreven,’ antwoordde ik.
‘O,’ zei Emily begrijpend. ‘Ik vond het al gek dat je weg was.’
Emily en ik waren snel klaar met ontbijten, maar we moesten wachten tot professor Measen dat ook was. Zij zou namelijk ons rooster uitdelen. Na een paar minuten wachten stond professor Measen op en deelde onze roosters uit.
Ik bekeek hem vlug. ‘Hmm,’ mompelde ik. ‘Vandaag eerst Toverdranken, Gedaanteverwisselingen, Kruidenkunde, pauze, Verweer tegen de Zwarte Kunsten, Bezweringen een blokuur, pauze, Geschiedenis van de Toverkunst.’
Emily zuchtte. ‘Volgens mij wordt dit een hele saaie dag.’
‘Dat weet je niet,’ zei ik. ‘Misschien zitten er wel vakken tussen waar je heel goed in bent. Zullen we onze tassen maar alvast pakken?’
Emily knikte. ‘Goed idee,’ zei ze en we stonden op om naar de leerlingenkamer te lopen.
Tijdens het lopen had ik het gevoel dat veel ogen mij volgden. Ik keek rond en zag dat ouderejaars naar me keken. ‘Waarom kijkt iedereen naar mij?’ vroeg ik fluisterend aan Emily. ‘Geen idee, ouderejaars kijken altijd naar eerste jaars,’ antwoordde Emily.
‘Dat is waar,’ mompelde ik. ‘Maar jou kijken ze niet na.’
Emily haalde haar schouders op. ‘Ik zou niet weten waar het aan ligt, het gaat vast wel over.’

Maar het gestaar ging niet over. We waren inmiddels weken verder en nog had ik het gevoel dat ik steeds werd aangestaard. Wat was er mis met mij? Ik kon niks bedenken. En toch had ik het gevoel dat leerlingen fluisterden over mij, me achter mijn rug om pestten. Waarom? vroeg ik me steeds af. Waarom ik? Konden ze het niet gewoon zeggen? Daar zijn ze te laf voor, had Emily gezegd. Emily was een echte vriendin geworden. Ze troostte me altijd wanneer ik hier weer droevig over was. Dan had ik bijvoorbeeld een groepje Zwadderaars iets over mij horen fluisteren en sloot ik mezelf huilend op in de toiletten.
Mijn ouders hadden me een brief teruggestuurd waarin stond dat ze trots op me waren en ze hadden gevraagd hoe het ging op school. Ik had geantwoord dat alles prima ging. Maar eigenlijk was dat niet zo. Oké, met de vakken ging het prima, maar ik werd gepest. Ik wist het nu zeker. Al die dingen die ze over mij fluisterden waren zeker niet aardig bedoeld. Zelfs leerlingen uit mijn eigen afdeling fluisterden over mij, pestten me.
Hoorde je niet iemand uit je eigen afdeling als familie te behandelen? Dat was wel de bedoeling, maar niemand deed het. Behalve Emily. Emily had een keer voorgesteld om het met ons afdelingshoofd te bespreken, maar dat vond ik niet nodig. Wat kon professor Measen eraan veranderen? Niks toch? Ze kon toch moeilijk de hele school toespreken en tegen ze zeggen dat ze mij niet meer moesten pesten? Alsof iemand naar haar zou luisteren. Nee, waarschijnlijk behoorde ik gewoon tot de mensen die hun leven lang gepest zouden worden.

Het was woensdag middag, de lessen waren afgelopen en ik was onderweg naar de bibliotheek, waar Emily was. Ik begon langzamer te lopen toen ik langs een groepje meisjes kwam. Gewoon voor de voorzichtigheid, niet dat ik dadelijk iets doms zou doen en dat ze me zouden uitlachen.
Het waren Zwadderaars, zag ik.
‘Moet je die strik zien, dat ziet er toch niet uit?’
Eigenlijk had ik het niet willen horen, ik had mezelf voorgenomen er niet meer naar te luisteren. Maar ik kon er niks aan doen, ik was gewoon te dichtbij en hoorde precies wat een meisje met blonde krulharen tegen het groepje zei.
Ik keek haar vuil aan en liep door, maar niet meer naar de bibliotheek. Naar de toiletten. De tranen in mijn ogen begonnen te prikken en ik deed geen moeite meer om ze tegen te houden.
Toen ik eenmaal mezelf had opgesloten in een van de toiletten begon ik geluidloos te huilen. Het leek wel alsof ik daar een uur lang zat te huilen. Er waren eigenlijk maar vijftien minuten voorbijgegaan tot ik de deur van de toiletten hoorde opengaan en ik voetstappen hoorde. ‘Dorothea?’ Het was Emily.
‘Ik… Ik zit hier,’ zei ik snikkend.
‘Maak die deur open.’
Ik maakte de deur open.
‘Wat is er gebeurd?’ vroeg Emily.
‘Hetzelfde wat altijd gebeurt,’ antwoordde ik.
Emily zuchtte. ‘Wat vreselijk,’ mompelde ze. ‘Ik vind echt dat je dit aan professor Measen moet vertellen.’
Ik schudde mijn hoofd. ’Zij kan er toch niks aan doen?’
‘Je weet maar nooit,’ zei Emily.
‘Ik denk het niet,’ mompelde ik.   
‘Kom,’ zei Emily. ‘Laten we naar de leerlingenkamer gaan.’
Ik knikte en liep met haar mee. In de leerlingenkamer aangekomen liep ik gelijk door naar de slaapzaal. Ik was moe, ook al was het pas middag. Ik kleedde me om en kroop in bed. Het avondeten sloeg ik wel over, ik had toch geen honger. Met nog steeds natte ogen van het huilen viel ik in slaap.

De weken kropen langzaam voorbij. Vandaag was de dag aangebroken dat de kerstvakantie zou beginnen. Ik wist niet of ik er blij mee moest zijn. Aan de ene kant was ik eindelijk van al dat gepest af, maar aan de andere kant kwam ik nu twee weken lang mijn ouders onder ogen.
Mijn vader zou ik niet veel zien, die moest toch elke dag werken. Maar mijn moeder wel. Ze had een brief gestuurd waarin ze verteld had dat ze twee weken vrij had kunnen regelen. Ik had geantwoord dat ik er erg blij mee was, maar stiekem was ik dat niet.
Moest ik nu de hele tijd gaan liegen tegen mijn moeder? Of zou ik het onderwerp gewoon zo veel mogelijk proberen te vermijden? Dat tweede leek me het beste. Liegen was moeilijk. Ik zou me zo maar kunnen verspreken.
Ik keek naar mijn ingepakte hutkoffer die naast mijn bed stond en de sneeuwwitte kat die miauwend in haar kooitje zat. ‘Sorry Allysa,’ zei ik tegen haar. ‘Je zou er toch eventjes in moeten zitten.’
‘Zo, ik ben klaar,’ zei Emily en ze sloot haar net ingepakte hutkoffer.
‘Dat heb je snel gedaan,’ zei ik onder de indruk.
Emily glimlachte. ‘Ik zei toch dat ik het zou redden?’
Ik knikte. ‘Dat had ik niet gedacht.’
We liepen met z’n tweeën, onze hutkoffers meeslepend en ik in mijn andere hand nog de kooi van Allysa vasthoudend, naar de hal. Daar stonden alle leerlingen die ook naar huis zouden gaan. En dat waren er best veel. We liepen allemaal naar de koetsen en toen we bij de trein waren aangekomen zochten Emily en ik een geschikte coupé.
We vonden een lege coupé en zetten met moeite onze hutkoffers op een van de rekken. De kooi van mijn kat zette ik er ook op en Allysa haalde ik eruit.
‘Zo, daar gaan we weer,’ zei Emily.
Ik knikte.
‘Heb je zin in de vakantie?’
Weer knikte ik. Ook al was dat een leugen. Maar waarom zou ik er anders geen zin in hebben? Ik was eindelijk van het gepest af en Emily wist er immers niks van dat ik gelogen had tegen mijn ouders.
‘Ik ook,’ zei Emily.
Toen de trein begon te rijden keken we zwijgend naar buiten. De rest van de treinreis bleven we stil, misschien kwam dat ook omdat ik aan het nadenken was over de vakantie en dus niet veel zei. ‘Dames en heren, we naderen bijna het station,’ galmde een stem door de trein. Emily en ik hadden onze gewaden nog aan, dus besloten we ons maar eens om te gaan kleden en toen we klaar waren begon de trein al te stoppen.
Vlug stopte ik mijn gewaad in mijn hutkoffer. Ergens diep onderop, zodat mijn moeder niet per ongeluk mijn gewaad zou kunnen zien. Allysa stopte ik in haar kooi en ik stond klaar om naar buiten te lopen. Het drong nog niet echt tot me door dat ik nu twee weken met mijn ouders, althans, eigenlijk alleen mijn moeder, zou moeten doorbrengen. Twee weken liegen… Ik zuchtte.
‘Is er iets?’ vroeg Emily, terwijl we naar buiten liepen.
‘Ik denk dat ik je ga missen,’ zei ik. Dat was ook wel waar, waarschijnlijk ging ik haar missen. Emily glimlachte. ‘Ik ga jou ook missen,’ zei ze.
Ik zag mijn moeder staan en zwaaide naar haar. Voordat ik naar haar toeging, omhelsde ik eerst Emily. ‘Tot na de vakantie,’ mompelde ik.
‘Tot na de vakantie,’ zei ze. Ze liep richting haar ouders en zwaaide nog even naar mij toen ze bij ze stond.
Ik liep ook naar mijn moeder toe en omhelsde haar.
‘Wat heb ik je gemist,’ zei mijn moeder. ‘Dat is echt heel anders, als je dochter in een keer op Zweinstein zit.’
Ik glimlachte. ‘Voor mij is het ook allemaal anders,’ zei ik. Ze zou eens moeten weten… mijn hele wereld stond op z’n kop.
Via de muur tussen perron 9 en 10 kwamen we aan op het King’s Cross station en zo verdwijnselden we toen we ergens achter een muurtje stonden. Binnen een paar seconden verschenen we in onze buurt en liepen we naar ons huis toe. ‘Zo, je bent weer thuis,’ zei mijn moeder toen ze de deur opende.
Ik glimlachte.
‘Zou ik alvast je kleding in de was doen?’ stelde ze voor.
Gelijk betrok mijn gezicht. Die moest ik toch beter in de plooi houden, bedacht ik me, dus keek ik weer normaal. ’Uuhm, nee, dat hoeft niet. Dat doe ik zelf wel, lijkt me een goed idee om dat eens te oefenen,’ zei ik.
Mijn moeder keek verbaasd. ‘Oké, nou, wat je wilt,’ zei ze. ‘Ik zal uitleggen hoe het werkt.’
We liepen naar boven en nadat ze het had uitgelegd ging ze weer naar beneden. Zo kon ik op mijn gemak mijn schoolkleding wassen. Ze vond het vreemd, bedacht ik mezelf tijdens het wassen. Dadelijk kreeg ze nog iets door als ik niet snel een beetje toneel leerde spelen. Toen ik klaar was liep ik naar beneden. Mijn schoolkleding had ik achter in mijn klerenkast opgeborgen.
‘Is het gelukt?’ vroeg mijn moeder.
Ik knikte.
‘Wil je thee?’
‘Ja, lekker.’
Mijn moeder maakte thee klaar, schonk wat voor me in en ging bij me op de bank zitten. ‘Zo, hoe was het op Zweinstein?’ vroeg ze.
Ik begon te vertellen over de lessen, mijn cijfers, welke vakken ik wel en niet leuk vond en over Emily. Maar voor de rest vertelde ik niks over de afdelingen, of het gepest door kinderen. Tijdens het vertellen sprong Allysa, die mijn moeder waarschijnlijk uit haar kooi had gelaten toen ik mijn schoolkleding aan het wassen was, op mijn schoot. Ik aaide haar en mijn moeder luisterde geïnteresseerd naar mijn verhalen.  

Pas toen de avond aanbrak, kwam mijn vader thuis. En ik bedacht me dat het zich zo de hele vakantie wel zou kunnen herhalen. Overdag alleen thuis met mijn moeder en ’s avonds zou mijn vader pas thuis komen. Wat saai, wat haatte ik het. Hij had niet eens tijd voor me, zelfs niet terwijl hij super trots op me was, omdat ik in “Zwadderich” zat.  
Langzamerhand brak de dag dat ik weer naar Zweinstein zal gaan aan. Mijn moeder bracht me naar het station. Ik stond voor een raam van de trein en zwaaide naar haar. Wat was ik blij dat ze er niet achter gekomen was… Ik zag wel aan haar ogen dat ze iets begon te vermoeden. Maar die twee weken waren zeker niet lang genoeg geweest voor haar om er achter te komen.  
Toen de trein begon te rijden ging ik weer opzoek naar een coupé. Ik zag Emily al ergens zitten en liep naar binnen. ‘Hallo,’ zei ik, terwijl ik mijn hutkoffer op een van de rekken zette. ‘Hoi,’ zei ze. ‘Hoe was je vakantie?’
‘Leuk,’ antwoordde ik. ‘Alleen was het wel jammer dat mijn vader zo vaak moest werken. Ik zag hem bijna nooit.’
Emily keek somber. ‘Dat is wel jammer ja,’ zei ze.
‘Maar hoe was jouw vakantie?’ vroeg ik.
‘Leuk,’ antwoordde ze. Emily begon vrolijk over haar vakantie te vertellen. Ze had veel meegemaakt, in tegenstelling tot ik. Ik luisterde geïnteresseerd. Ik vond het wel fijn dat ik niet veel hoefde te zeggen. Naar Emily’s verhaal luisteren leidde me tenminste een beetje af.

En zo gingen de jaren door. Dorothea werd ouder, maar het pesten hield niet op. Dorothea bleef de leugen volhouden tegenover haar ouders. Emily kreeg het ook niet te weten dat Dorothea tegen haar ouders had gelogen over haar afdeling.
Ze veranderde niet snel, maar langzamerhand werd Dorothea harder. Ze begon ook steeds meer een haat te krijgen tegen haar medeleerlingen. Behalve Emily, natuurlijk. Haar vader zag ze ook niet vaak meer, hij had een hogere baan gekregen waardoor hij bijna altijd aan het werk was. Ook als zij vakantie had. Wat haatte ze het. En ze wilde het niet toegeven, maar eigenlijk begon ze hem ook te haten. Ze begon te denken dat het eraan lag of je een modderbloedje was of niet.
Emily’s vader werkte ook niet altijd en hij was geen modderbloedje. Diep van binnen wist ze dat het onzin was, maar hoe meer jaren voorbij gingen, hoe meer ze begon te geloven dat het geen onzin was. En zo brak langzamerhand haar laatste jaar aan. Het zwaarste jaar van allemaal.


Het was begin mei. De zon scheen en ik zat, samen met mijn medeleerlingen, in het lokaal van Gedaanteverwisselingen. Het examen kwam er bijna aan, we moesten dus goed leren. En dat terwijl het zo lekker weer was. Maar goed, het zij zo.
Als de examens er eenmaal opzaten, konden we lekker van het weer genieten.
‘Snap jij dit?’ vroeg Emily aan mij. Ze zat naast me en had een vraag over een bepaald hoofdstuk.
Ik knikte en legde het haar fluisterend uit.
Emily keek verbaasd en zo te zien snapte ze er niks van. ‘Oh, ik ga dit zeker fout doen op het examen,’ klaagde ze.
Ze was aan het stressen. We hadden namelijk nog maar een paar weken te gaan voor we ons examen moesten doen. Ik dacht dat ik ook zou gaan stressen, maar het viel reuze mee wat dat betreft. Ik snapte alles best goed. ‘Vraag het anders aan professor Viaal,’ stelde ik voor. Onze leraar Gedaanteverwisselingen was een vriendelijke leraar, alles wat hij uitlegde kon je makkelijk begrijpen.
‘Maar zelfs dan snap ik het niet,’ mompelde Emily.
‘Vast wel,’ zei ik en ik stak mijn hand op.
‘Ja, juffrouw Omber?’
‘Kunt u dit hoofdstuk uitleggen?’ zei ik en ik wees op de bladzijden die Emily open had liggen.
Professor Viaal liep er naartoe en bekeek het hoofdstuk, om te zien over welke stof het ging. ‘Natuurlijk,’ zei hij en hij begon met uitleggen.
Ik snapte het al en knikte vaak begrijpend toen hij dingen vertelde. Voor Emily moest hij het een paar keer anders uitleggen tot ze het eindelijk snapte.
‘Ik zei toch dat je het zou snappen?’ fluisterde ik, terwijl we weer verder gingen met leren.
‘Je hebt gelijk,’ fluisterde Emily terug.
‘Niet zo onzeker, jij.’ Net toen ik dat had gezegd ging de bel. We deden onze boeken in onze tas, stonden op en liepen naar de Grote Zaal om te lunchen. ‘Nog een paar weken en we zijn er vanaf. Zo moet je het bekijken,’ zei ik, terwijl ik wat eten op mijn bord schepte.
‘Dat is een goede, ja. Maar zo zie ik het gewoon niet. Ik denk: Nog een paar weken en dan heb ik examen. En tja, dan begin ik te stressen,’ zei Emily.
Ik schudde met mijn hoofd, ik kon het gewoon niet begrijpen. Maar ja, Emily stak gewoon anders in elkaar dan ik.

En zo gingen de weken voorbij. Elke dag zaten we in de les te blokken op de vakken die we hadden. Ik moest en zou hoog scoren op mijn examen. Ik wilde een hoge functie krijgen bij het Ministerie van Toverkunst. Dan moest je wel je examens goed hebben gedaan. En het zou voor mij makkelijker worden als ik gewoon voor alles Uitmuntend haalde, maar dat zou het vast niet worden. Maar een paar vakken kon toch wel?
Een dag voordat mijn examens begonnen kwam er een brief aan van mijn ouders. Ik maakte hem open en las:

Dorothea,  

Ik hoop dat deze brief nog is aangekomen voordat je examens zijn begonnen. Je vader en ik willen je heel veel succes wensen. We weten zeker dat je het kunt. Geloof in jezelf, doe je best en meer kan je niet doen.
Zou je ons op de hoogte willen van hoe het allemaal gaat? Dat zouden we fijn vinden.

Liefs,

George en Elisabeth


Ik was blij met deze brief. Het sprak me moed in. Ik besloot dat ik ze morgen na mijn examen gelijk terug zou schrijven.

Die volgende ochtend zou ik beginnen met Gedaanteverwisselingen. Emily en ik zaten aan het ontbijt. Ik had mijn boek op tafel opengeslagen en was tegelijkertijd aan het lezen terwijl ik aan het eten was.
Emily had het ook gedaan en mompelde steeds dingen die ze goed moest onthouden. Na het ontbijt klapte ik mijn boek dicht en zuchtte. ‘Daar gaan we dan,’ zei ik en we stonden op. We moesten wachten in de hal. Toen iedere leerling weg was en alle tafels goed stonden, mochten wij naar binnen.  
Ik zat achter Emily en wachtte tot we mochten beginnen. ‘En de tijd gaat… nu in,’ zei professor Measen en overal hoorde je het omslaan van blaadjes. Ik las de eerste vraag door, er stond: Wat is het verschil tussen een faunaat en een weerwolf? Ik fronste mijn wenkbrauwen. Was dit een vraag? Die was wel heel makkelijk. Vlug schreef ik het antwoord op en begon aan de volgende vraag.
Tien minuten voor de tijd om was, was ik klaar. Tevreden legde ik het blaadje op de hoek van mijn tafel. Ik zag dat Emily nog druk aan het schrijven was. Toen de tien minuten voorbij waren zei professor Measen: ‘De tijd is om, allemaal veren neerleggen.’
Emily zuchtte diep en legde haar veer neer.
Met behulp van haar toverstok haalde professor Measen de examens op.
‘Nog net gehaald,’ fluisterde Emily tegen mij.
Ik glimlachte en stak mijn duim op. ‘Goed gedaan,’ fluisterde ik terug.
‘Jullie kunnen gaan,’ zei professor Measen en het geluid van stoelen die naar achteren werden geschoven klonk door de Grote Zaal.
‘Zullen we even pauze houden?’ stelde ik voor.
Emily schudde haar hoofd. ‘Ik moet nog even goed oefenen voor de praktijk,’ zei ze.
‘Zullen we dat dan buiten doen?’
Emily glimlachte. ‘Dat is een goed idee,’ zei ze.
We haalden onze boeken op en de benodigde spullen om mee te oefenen en gingen naar buiten.
‘Hey, pad!’ riep een van de jongens van een groepje Zwadderaars. Ze hadden het tegen mij, ik wist het meteen. ‘Is je examen goed gegaan? Het verbaast me niks als je antwoord dat hij niet zo goed is gegaan, padden zijn namelijk niet zo slim.’ Het groepje Zwadderaars barstte in lachen uit.
‘Ik ben een zevende jaars en nog pesten ze mij,’ zei ik verontwaardigd.
‘Trek je er niks van aan,’ zei Emily.
‘Prinsessen horen niet met padden om te gaan, misschien kun je beter je soortgenoten zoeken,’ riep een andere jongen van het groepje Zwadderaars naar Emily.
Ik zuchtte. Zo ging het altijd. Naar mij riepen ze beledigingen en ze waren het er niet mee eens dat Emily met mij omging. En dat alleen maar omdat Emily veel knapper was dan ik.
We lieten het groepje Zwadderaars achter ons en gingen bij het meer zitten. Ik huilde gelukkig allang niet meer om de pesterijen. Ik was er inmiddels aan gewend geraakt, harder geworden. In mijn vijfde jaar had ik nog de hoop dat als ik een harde opmerking terug zou kaatsen, ze hun mond wel eens zouden houden. Maar mijn plan was helaas mislukt. Het had alleen maar tot ergere pesterijen geleid.
Toen ik een keer alleen door de gangen liep en een groepje Zwadderaars tegenkwam, hetzelfde groepje waarnaar ik die harde opmerking had geroepen, besloten ze dat ik er nog wel lelijker uit kon zien en betoverden ze me. Ik had een gezwollen neus en mijn voortanden waren gegroeid. De strik, die ik op had, was veranderd in een pad.
Lachend waren ze weggelopen en lieten me achter. Ik was opgestaan en huilend naar de Ziekenzaal gelopen. Madame Evans heeft me natuurlijk wel kunnen genezen, alleen de verdriet had ze niet kunnen verhelpen. Ik was teleurgesteld, ik had zo gehoopt dat het na die opmerking over zou zijn. Maar helaas, plan mislukt.  
Ik noem nu eigenlijk alleen maar voorbeelden van Zwadderaars, maar het waren ook andere afdelingen die me pestten. En ik kon er niks aan doen, helemaal niks. Nu ik in mijn zevende jaar zat was het wat minder geworden. Maar dat was gewoon omdat ik nu tot de oudsten behoorde. Jongere leerlingen pestten me wel, maar gelukkig een stuk minder. En daar genoot ik met volle teugen van.
En die nare opmerkingen bleven toch wel komen, dus daar kon ik niks aan doen.
‘Dorothea?’ Emily onderbrak mijn gedachten.
‘Wat?’
‘Ziet dit er goed uit?’ Ze had een potlood omgetoverd in een mooie, versierde vaas.
‘Heel er goed,’ zei ik goedkeurend. De examens… ik moest me daar maar goed op concentreren.

De rest van de examens waren voor mijn gevoel best goed gegaan. Alleen over Toverdranken had ik een minder goed gevoel. Maar ik heb me er doorheen gewerkt. Nu was het eindelijk voorbij, die twee weken.
Een maand later zou de diploma uitreiking zijn. Ik had mijn ouders daar al een brief over geschreven. In de tussentijd bleef ik gewoon op school. De leerlingen van het zevende jaar konden ervoor kiezen om naar huis te gaan of op school te blijven. En ik had geen zin om naar huis te gaan. Emily bleef ook op school, dus dat was mooi meegenomen.
Onze vrije dagen brachten we vaak buiten door. Het was al heerlijk weer, dus waarom binnen zitten als we toch vrij hadden en naar buiten konden? Ook mochten we wel eens naar Zweinsveld. Het waren extra uitstapjes die alleen voor de zevende jaars waren. De andere leerlingen hadden immers gewoon les.
En zodoende brak de dag aan dat we te horen zouden krijgen wie er geslaagd was en wie niet. De zenuwen gierden door mijn buik. Zou ik geslaagd zijn? vroeg ik me steeds af. Wat gebeurd er als ik niet geslaagd was?
Alle afdelingshoofden riepen de zevende jaars van hun afdeling bij elkaar. Wij volgden professor Measen naar een leeg lokaal. Toen iedereen zat zei professor Measen: ‘Goed, ik zal dadelijk de mensen opnoemen die geslaagd zijn. Een week later vindt, zoals jullie weten, de examen uitreiking plaats. Deze begint om acht uur ’s avonds. De ouders die van ver komen zouden eventueel hier kunnen overnachten.’
Ze hield even stil, om te kijken of niemand een vraag had, en ging toen verder. ‘Dan nu de uitslagen.’
Ik keek Emily vlug even aan en zag aan haar ogen dat ze zenuwachtig was. Ik was het ook. Laat het alsjeblieft snel voorbij zijn, dacht ik. ‘Als je je naam niet hoort, betekend dat dat je niet geslaagd bent. Ik zal jullie dan over de verdere gevolgen inlichten. Goed, de namen.’ Eindelijk begin ze met het oplezen van de namen. Steeds als iemand zijn/haar naam hoorde, hoorde je een diepe zucht of een blij piep geluidje. ‘Emily Dixon.’
Ik keek vlug naar Emily en zag dat haar ogen gelijk begonnen te glinsteren. Ze was een van de weinigen die haar blijheid wist in te houden. Mooi zo, Emily is geslaagd. Nu ik nog, dacht ik. Ik merkte op dat veel leerlingen geslaagd waren.
Bij een paar die niet opgenoemd waren, zag ik al tranen opkomen. Eindelijk kwam professor Measen bij de O aan. Ik wachtte vol spanning af. ‘Dorothea Omber.’
Ik zuchtte. Een zware last op mijn schouders verdween. Ik kon wel juichen van blijdschap. Ik was gewoon geslaagd!
Toen professor Measen klaar was en de mensen die geslaagd waren gefeliciteerd had, stuurde ze ons weg. Drie leerlingen waren niet geslaagd. Emily en ik liepen naar buiten en toen we buiten het lokaal waren, omhelsden we elkaar.
‘Gefeliciteerd!’ zei ik enthousiast.
’Jij ook!’ Emily was helemaal door het dolle heen. ‘We zijn geslaagd, we zijn geslaagd! En over een week krijgen we onze diploma’s.’
‘Wat is de tijd voorbij gevlogen,’ zei ik. Ik was bijna net zo enthousiast als Emily.
Emily knikte.
Een Huffelpuffer kwam naar ons toegelopen, ik herkende haar als Sara. ‘Vanavond een groot feest in het lokaal van Gedaanteverwisselingen. Voor alle geslaagden,’ zei ze tegen ons.
’We zullen er zeker zijn,’ zei Emily.
‘Oké, tot dan,’ zei Sara en ze liep weer naar haar vriendinnen toe.

Rond een uur of acht gingen we naar het feest toe. Het was heel gezellig, eindelijk maakte niemand een nare opmerking naar mij. Ze waren te druk bezig met het vieren van het behalen van hun diploma’s. Ik was er in elk geval blij mee, zo kon ik tenminste ook een leuke avond hebben.
‘Hoe zal dat eigenlijk gaan als de diploma’s worden uitgereikt?’ vroeg ik me hardop af.
‘Geen idee,’ zei Emily. ‘Ik denk dat het per afdeling wordt gedaan. En dat het afdelingshoofd steeds een naam op leest en de diploma dan aan de desbetreffende leerling geeft.’
Afdelingshoofd? Ouders? Er drong een fout tot me door. Een fout die ik gemaakt had. Zeven jaar lang… Als mijn ouders zouden komen kijken en ons afdelingshoofd zou de diploma’s uitreiken, dan werd meteen duidelijk in welke afdeling ik eigenlijk zat. Alles werd wazig voor mijn ogen, ik legde mijn hand op de tafel waar drinken stond. Hij stond achter mij en zo had ik een beetje grip, anders was ik flauw gevallen.
Nee, dit kon niet waar zijn. Na al die jaren zouden mijn ouders er dan toch achter komen. Dan zouden ze erachter komen dat ik tegen ze had gelogen. En ik had gelogen voor niets. Mijn vader had niet eens de kans gehad om zijn trotsheid te tonen. Ik had hem niet eens trots kunnen zien.
Al die jaren voor niets gelogen… Voor niets die moeite gedaan om het verborgen te houden. Wat was ik stom! Ik kon mezelf wel op mijn voorhoofd slaan. Waarom had ik dit gedaan? Het was het toch niet waard geweest. En nu kreeg ik alleen nog maar meer problemen.
Ik probeerde een oplossing te bedenken, maar dat lukte niet. De uitnodiging had ik al naar mijn ouders verstuurd, met de precieze tijd en datum. Waarom? Waarom had ik tegen ze gelogen? Nu zouden ze er toch achter komen.      
De avond kroop langzaam voorbij. Ineens kon ik niet meer genieten van het feit dat ik geslaagd was. De avond was ook een stuk minder leuk geworden. Emily merkte dat er iets mis was met mij.
‘Dorothea, is er iets?’ vroeg ze.
‘Ik ben moe,’ antwoordde ik.
‘Ga dan anders naar de leerlingenkamer en ga lekker slapen, je hoeft er echt niet de hele avond bij te blijven,’ zei Emily. ‘Als je moe bent is er toch niks aan.’
Ik dacht na, dat was waar. Misschien was het beter als ik gewoon naar de leerlingenkamer ging. Ik vond het feest toch niet meer leuk. Mijn hele avond was verpest. En dat door die ene leugen… Zo’n belangrijk moment uit mijn leven werd verpest door een leugen. ‘Ik ga dan maar slapen,’ zei ik.
Emily knikte. ‘Dat is goed, welterusten,’ zei ze.
‘Jij ook alvast,’ zei ik en ik liep naar de leerlingenkamer.

De rest van de week ging als een waas voorbij. Ik deed echt mijn best om nog een oplossing te kunnen vinden, maar ik kon gewoon niks bedenken. Aan Emily wilde ik geen advies vragen. Ze wist er immers niet van en dadelijk kreeg ik met haar ook ruzie. En dat wilde ik niet.
Zou mijn laatste jaar dan echt zo eindigen? Ik zag het steeds somberder in voor mezelf. Emily vroeg vaak wat er was, maar ik vertelde niet de waarheid. Ik verzon wel een smoesje, zei dat ik me niet lekker voelde.
Uiteindelijk brak de dag van de diploma uitreiking aan. Ik zag er als een berg tegenop. Waarom zag ik mijn fout toch zo laat? Ik kon maar niet begrijpen dat ik het zo lang had volgehouden en dat ik nu ineens mijn fout zag. En mijn plan leek zo goed… Ouderavonden hadden we hier niet, dus wat kon er mis gaan? Ik had niet nagedacht over de diploma uitreiking. Natuurlijk niet, als je in je eerste jaar zit denk je daar niet aan. Maar als het er dan eenmaal is…  
Ik zuchtte diep. Ik keek op mijn horloge en zag dat het acht uur was. Het ging beginnen…  Mijn ouders zaten al in de Grote Zaal. Alle ouders zaten in de Grote Zaal. Wij stonden in de hal. Elke afdeling werd apart naar binnen geroepen door het afdelingshoofd. En Emily had gelijk gehad over hoe het ging.
Als eerste was Griffoendor aan de beurt. Minuten verstreken en toen werd de afdeling Ravenklauw naar binnen geroepen. Ik werd bang. Ik wilde niet naar binnen. Emily zag me in paniek raken.
‘Dorothea, wat is er?’ fluisterde ze.
‘Niks, niks. Ik vind het spannend,’ fluisterde ik terug.
‘Ik ook, maar het komt goed. We zijn geslaagd.’
Nee, het kwam niet goed, dacht ik. Maar dat wist Emily niet. De deuren van de Grote Zaal gingen open en professor Measen stond in de deuropening. Het leek wel alsof mijn hart een lang stuk naar beneden viel en ergens in mijn buik terecht kwam. Dit was het dan, dit was het einde. Mijn ouders dachten nu zeker dat ik als laatste zou komen, maar dat was niet zo. Elke stap die ik zette voelde loodzwaar aan.
Ik liep de Grote Zaal binnen en zag mijn ouders gelijk zitten. Mijn moeders ogen stonden verbaasd en mijn vaders ogen eerst ook. Maar ik zag ze langzaam van verbaasd naar boos veranderen. Ik werd nu echt bang. Wat had ik gedaan?
‘Als ik jullie naam noem kom je naar voren. Dan krijg je je diploma uitgereikt,’ zei professor Measen. Ik hoorde haar nauwelijks. Ik schrok ook op toen ze “Dorothea Omber” zei. Ik liep naar voren en nam mijn diploma in ontvangst. ‘Gefeliciteerd,’ zei professor Measen en ze keek me met glinsterende ogen aan.
‘Dank u,’ zei ik en ik liep naar de tafel van Huffelpuf. Ik was natuurlijk de enige die niet naast haar ouders zat.
Mijn ouders waren namelijk aan de tafel van Zwadderich gaan zitten. Ik keek ze met pijn in mijn ogen aan.
‘Waar zijn jouw ouders?’ vroeg Emily zachtjes en verbaasd aan mij.
Ik knikte naar de tafel van Zwadderich. Het bleef even stil.
‘Waarom… zitten jouw ouders daar?’ vroeg ze.
‘Omdat… ik ze verteld heb dat ik in Zwadderich zit,’ antwoordde ik fluisterend.
Er viel een stilte. Een stilte die me niet beviel.
Langzaam draaide ik me naar Emily toe en keek haar aan.
‘Je wat?’
‘Ik heb ze verteld dat ik in Zwadderich zit,’ herhaalde ik fluisterend.
‘Waarom?’ vroeg Emily. Ze bleef kalm.
‘Omdat ik mijn vader trots wilde maken. Maar één fout had ik niet gezien, tot het feest.’ Emily’s ogen werden dof. Ze glinsterden niet zo vrolijk meer als net.
‘Je hebt zeven jaar lang tegen je ouders gelogen?’
Ik knikte. ‘En daar heb ik spijt van.’
‘Spijt… spijt. Natuurlijk heb je spijt. Nu je je fouten in ziet heb je spijt. Liegen is verkeerd Dorothea. Dat weet ieder kind. Ook ieder kind van elf.’
Er begon een traan te prikken.
‘Je hebt dus ook tegen mij gelogen. Waarschijnlijk heb je meerdere keren gelogen, en niet alleen die ene avond toen je zei dat je moe was.’ Emily keek me doordringend aan. Haar gefluister was zo zacht, en toch kon ik haar goed verstaan. Haar stem klonk ijzig.
‘Ik heb meerdere keren gelogen, ja,’ gaf ik toe.
Emily schudde haar hoofd. ‘Triest. Diep triest. Leuke vriendin ben jij. Ik help je zeven jaar lang, en jij gaat liegen tegen mij.’
‘Het was niet mijn bedoeling,’ fluisterde ik smekend terug. ‘Ik moest alleen wel, ik moest mijn vader trots maken.’  
‘Je vader werkt toch zo vaak? Dan heeft het toch geen nut gehad. Je zag hem toch nooit.’
‘Daar ben ik ook achter gekomen, ja,’ mompelde ik.
Emily’s preek ging de hele diploma uitreiking door. En niemand die het hoorde, behalve ik. Ik schrok op toen er luid geklapt werd door iedereen. De Zwadderaars hadden ook hun diploma gekregen. Na de diploma uitreiking was er nog een soort van feest, voor de ouders en leerlingen.
‘Ik zie nog wel of we contact houden,’ zei Emily en ze ging bij haar ouders staan.
Mijn ouders liepen naar me toe. Nu ging het komen.
‘Kom je mee naar de hal?’ vroeg mijn moeder. Mijn vader was al doorgelopen.
Ik knikte en volgde haar naar de hal.
Mijn vader stond er al met zijn armen over elkaar heen geslagen. Hij keek woedend. ‘Hoe haal je het in je hoofd?’ Zijn stem klonk echter kalm en teleurgesteld. Misschien had ik liever gehad dat hij was gaan schreeuwen. ‘Liegen tegen je ouders. Je stelt me heel erg teleur, wist je dat?’
Ik knikte. ‘Ik weet het, ik heb er spijt van. Ik wilde je trots maken. Maar ik heb er niet veel aan gehad, het is alleen maar tot iets ergs uitgelopen.’
Mijn vader wilde gaan preken, maar mijn moeder onderbrak hem.
‘George, kunnen we haar niet vergeven? Ze is onze enige dochter. Ze heeft van haar fout geleerd, dat zie ik aan haar.’
‘Dat ze onze enige dochter is, wil nog niet zeggen dat we een leugen van zeven jaar gelijk moeten vergeven, Elisabeth,’ zei mijn vader ijzig.
‘Maar George- ’
‘Elisabeth!’
Mijn moeder hield gelijk haar mond.
‘Dorothea. Ik was trots op je, zeven jaar lang. Tot vandaag. Je hebt tegen ons gelogen en dat zeven jaar lang volgehouden. Dat is niet te vergeven, in mijn ogen. En als je wilt dat we je vergeven, zou je dat moeten verdienen.’
Ik keek naar mijn moeder en zag duidelijk dat ze het er niet mee eens was.
Dus dit betekende waarschijnlijk ook dat ze wilden dat ik ergens anders ging wonen, bedacht ik me. Ik zal misschien jaren geen contact meer met ze hebben. De tranen begonnen weer te prikken en dit keer hield ik ze niet tegen.
‘Tot ziens, Dorothea,’ zei mijn vader en hij liep weg, geen enkel teken van medeleven tonend.
Ik ging tegen een muur op de grond zitten. Daar zat ik dan. Geluidloos huilend op de grond. Mijn handen had ik voor mijn ogen geslagen zodat niemand zou kunnen zien dat ik huilde. Zo kwam het dus. Hierdoor had het zo ver kunnen komen. Wat ben ik stom bezig geweest, dacht ik. Ik voelde een hand op mijn schouder en schrok op.
Ik keek omhoog en zag mijn moeder staan. ‘We houden contact,’ fluisterde ze. ‘Je bent mijn enige dochter, ik wil je niet kwijt raken.’ Zag ik het nou goed, of leek het alsof zij ook moest huilen?
‘Elisabeth!’ Mijn vader riep haar.
Ze keek me nog even aan en liep toen vlug naar mijn vader toe. De deuren van de hal gingen open en toen ik even later weer op keek van het huilen zag ik mijn ouders niet meer.
Dit was het dus. Dit was mijn straf. Mijn straf voor het liegen tegenover mijn ouders, en voor het liegen tegenover mijn beste vriendin. De pesterijen waren gewoon een voorbereiding op dit, want geen enkel gevoel was zo erg als dat ik nu had.
Zo zat ik een halfuur en niemand keek naar me om. Ik was al bijna helemaal in een zwart gat gevallen toen ik besefte dat ik mijn eindresultaten nog niet had bekeken. Wilde ik ze wel zien? Misschien waren ze wel even slecht als ik me nu voelde. En was dat goede gevoel alleen maar een leugen geweest, net zoals ik had gelogen.
Ik zuchtte diep, droogde mijn ogen, want ik wilde toch weten hoe ik mijn examens had gedaan. Misschien, heel misschien, had ik het toch niet zo slecht gedaan. Toen ik de resultaten wilde oppakken en bekijken zei een stemmetje in mijn hoofd: ‘Niet doen, je wordt er alleen maar beroerder van als ze slecht zijn.’ En weer een andere stem zei: ‘Jawel, doe het wel! Je resultaten zijn vast en zeker goed, en zo kun je weer hoop krijgen.’ ‘Luister niet naar die andere stem, die wil je alleen maar de grond inboren, kijk gewoon niet.’ Ik negeerde de stem die zei dat ik niet moest kijken, ik had toch al veel verloren. Dit kon er dan nog wel bij.

Resultaten P.U.I.S.T

Toverdranken: Acceptabel.
Gedaanteverwisselingen: Boven verwachting.
Verweer tegen de Zwarte Kunsten: Uitmuntend.
Bezweringen: Uitmuntend.
Oude Runen: Boven verwachting.

Mijn ogen lichtten op. Ik had mijn examens dus toch niet zo slecht gedaan. Er was nog hoop. Een hoop op dat ik alles terug zou kunnen winnen. En daar ging ik ook zeker hard voor werken. Ik moest en zou een hoog beroep bij het Ministerie krijgen. En misschien, heel misschien, zou mijn vader het me dan weer vergeven…
  

Dit bericht is gewijzigd door een moderator of administrator op 26-04 12:32.


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 19-04-2011, 17:45 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 19-04-2011, 17:40 Superdreuzel schreef:

Hoofd: Armando Wafelaar

Geachte mevrouw Omber,

Het doet me genoegen u te kunnen mededelen dat u in aanmerking komt voor een plaats aan Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus-Pocus. Bijgaand treft u een lijst aan van schoolboeken en andere benodigdheden.
Het schooljaar begint op 1 september.
Gelieve vóór 31 juli per uil te reageren.

Hoogachtend,
Evelyn Measen,
Assistent-schoolhoofd




Superdreuzel, zou je dit stuk ook schuin willen doen?

Op 19-04-2011, 17:40 Superdreuzel schreef:

Toen ik de resultaten wilde oppakken en bekijken zei een stemmetje in mijn hoofd: ‘Niet doen, je wordt er alleen maar beroerder van als ze slecht zijn.’ En weer een andere stem zei: ‘Jawel, doe het wel! Je resultaten zijn vast en zeker goed, en zo kun je weer hoop krijgen.’ ‘Luister niet naar die andere stem, die wil je alleen maar de grond inboren, kijk gewoon niet.’


En zou je de stemmen ook schuin willen doen? (a) Alvast bedankt ^.^



Dit bericht is gewijzigd op 19-04 17:45.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
alice Geplaatst op 19-04-2011, 18:14 Reageer
user icon
Berichten: 3205
moderator
Verstuur privé bericht

Goed verhaal 1 klein puntje is het niet mejuffrouw en niet mevrouw?


meld dit bericht aan een moderator

 
severusfan94 Geplaatst op 19-04-2011, 21:26 Reageer
user icon
Berichten: 270
gebruiker
Verstuur privé bericht

Ginny! Echt geweldig verhaal! Je hebt me vanaf de eerste zin gepakt en heb je verhaal in een adem uitgelezen. Leuk gevonden van Omber, haar jeugd is een goede verklaring voor haar latere karakter. Het is fijn dat je (bijna) geen spelfoutjes hebt, dat leest lekker weg.
Een tip; het woordje etc. in verhalen staat niet zo mooi, dan lijkt het alsof je de zin afgeraffeld hebt. Voor de rest; klasse


meld dit bericht aan een moderator

Iedereen wil leuke vrienden, jouw vrienden ook. 
Superdreuzel Geplaatst op 19-04-2011, 21:59 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 19-04-2011, 21:26 severusfan94 schreef:
Ginny! Echt geweldig verhaal! Je hebt me vanaf de eerste zin gepakt en heb je verhaal in een adem uitgelezen.


Dan kan jij je adem lang inhouden


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 19-04-2011, 22:58 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 19-04-2011, 21:26 severusfan94 schreef:
Ginny! Echt geweldig verhaal! Je hebt me vanaf de eerste zin gepakt en heb je verhaal in een adem uitgelezen. Leuk gevonden van Omber, haar jeugd is een goede verklaring voor haar latere karakter. Het is fijn dat je (bijna) geen spelfoutjes hebt, dat leest lekker weg.
Een tip; het woordje etc. in verhalen staat niet zo mooi, dan lijkt het alsof je de zin afgeraffeld hebt. Voor de rest; klasse


Thanks, heel erg bedankt voor het compliment
En bedankt voor de tip Ik zal er aan denken ^.^

Op 19-04-2011, 21:59 Superdreuzel schreef:

Dan kan jij je adem lang inhouden



Zeg, wanneer ga je die dingen nou veranderen?


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
severusfan94 Geplaatst op 20-04-2011, 06:15 Reageer
user icon
Berichten: 270
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 19-04-2011, 21:59 Superdreuzel schreef:
[...]

Dan kan jij je adem lang inhouden



nee ik lees gewoon snel:p
T


meld dit bericht aan een moderator

Iedereen wil leuke vrienden, jouw vrienden ook. 
Superdreuzel Geplaatst op 20-04-2011, 07:50 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 19-04-2011, 22:58 Ginny-w schreef:
[...]

Thanks, heel erg bedankt voor het compliment
En bedankt voor de tip Ik zal er aan denken ^.^

[...]

Zeg, wanneer ga je die dingen nou veranderen?


Maak jezelf moderatoor en doe hetzelf?
Zodra ik tijd heb, nauurlijk!


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 20-04-2011, 14:50 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 20-04-2011, 07:50 Superdreuzel schreef:

Maak jezelf moderatoor en doe hetzelf?
Zodra ik tijd heb, nauurlijk!


Ik zou best moderator willen worden, maar helaas ben ik dat niet.
Oké.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Superdreuzel Geplaatst op 20-04-2011, 19:55 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Zo, its done


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 20-04-2011, 20:33 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 20-04-2011, 19:55 Superdreuzel schreef:
Zo, its done


Thank you!



Wat is dat vierkantje eigenlijk? Dat staat ook bij die stemmen in de buurt.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
lieke Geplaatst op 21-04-2011, 21:11 Reageer
user icon
Berichten: 2720
gebruiker
Verstuur privé bericht

prachtig verhaal, ik kon nieet stoppen met lezen (letterlijk echt waaer!) maar etc. staat idnerdaad neit zo mooi en gelukkig had je minder spellingsfoutjes dan alice (en dan ik in dit kleine bercihtje, maar heb geen zin om ze te verbeteren) (bovendien is mijn com daar te sloom voor.... ik typ dit en pas 2/3 minuten later staat het hier en kan ik het versturen)


meld dit bericht aan een moderator

"That went well" -'Expecto Patronum' 'Lily? After all those years?'  'Always'  - 'You have your mother's eyes' 
Ginny-w Geplaatst op 22-04-2011, 11:33 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 21-04-2011, 21:11 lieke schreef:
prachtig verhaal, ik kon nieet stoppen met lezen (letterlijk echt waaer!) maar etc. staat idnerdaad neit zo mooi en gelukkig had je minder spellingsfoutjes dan alice (en dan ik in dit kleine bercihtje, maar heb geen zin om ze te verbeteren) (bovendien is mijn com daar te sloom voor.... ik typ dit en pas 2/3 minuten later staat het hier en kan ik het versturen)


Thanks
Wow, dan was zelfs mijn oude computer nog sneller


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
expeliarmus Geplaatst op 22-04-2011, 12:31 Reageer
user icon
Berichten: 358
gebruiker
Verstuur privé bericht

okee ik ga nu je verhaal lezen de titel spreekt me al aan ( dat zei omber alltijd toch¿ you may not tell lies)

even later...: ja ginny ik blijf het zeggen over alle verhalen, mensen die ze schrijven hebben echt talent. je hebt ook een heel erg goed begin gemaakt zodat het vanaf het eerste moment al boeit.

Dit bericht is gewijzigd op 22-04 14:15.


meld dit bericht aan een moderator

Wees jezelf, er zijn al zoveel anderen. Als een ongeluk in een klein hoekje zit, zit het geluk dan in de rest?  
Ginny-w Geplaatst op 22-04-2011, 13:32 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 22-04-2011, 12:31 expeliarmus schreef:
okee ik ga nu je verhaal lezen de titel spreekt me al aan ( dat zei omber alltijd toch¿ you may not tell lies)


Idd, als je het verhaal hebt gelezen snap je wel waarom ik voor deze titel heb gekozen xD

Op 22-04-2011, 12:31 expeliarmus schreef:
even later...: ja ginny ik blijf het zeggen over alle verhalen, mensen die ze schrijven hebben echt talent. je hebt ook een heel erg goed begin gemaakt zodat het vanaf het eerste moment al boeit.


Bedankt voor het compliment

Dit bericht is gewijzigd op 22-04 14:29.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Superdreuzel Geplaatst op 23-04-2011, 22:00 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 20-04-2011, 20:33 Ginny-w schreef:
[...]

Thank you!

[...]

Wat is dat vierkantje eigenlijk? Dat staat ook bij die stemmen in de buurt.


welk vierkantje?


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 23-04-2011, 23:41 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 23-04-2011, 22:00 Superdreuzel schreef:

welk vierkantje?


Ik zie een vreemd vierkantje. Dat staat voor: 'Niet doen,


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
nitsji Geplaatst op 25-04-2011, 16:58 Reageer
user icon
Berichten: 482
gebruiker
Verstuur privé bericht

Leuk verhaal =D


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 25-04-2011, 17:09 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Dankje


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Superdreuzel Geplaatst op 25-04-2011, 23:02 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 23-04-2011, 23:41 Ginny-w schreef:
[...]

Ik zie een vreemd vierkantje. Dat staat voor: 'Niet doen,



Dat zie ik dan niet


meld dit bericht aan een moderator

 
fleur Geplaatst op 26-04-2011, 12:33 Reageer
user icon
Berichten: 1429
moderator
Verstuur privé bericht

Op 23-04-2011, 23:41 Ginny-w schreef:
[...]

Ik zie een vreemd vierkantje. Dat staat voor: 'Niet doen,



Ik heb hem net weggehaald voor je


meld dit bericht aan een moderator

Friendship isn't about who came first and who you've known the longest. It's about who came and never left. 
Ginny-w Geplaatst op 27-04-2011, 15:28 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 25-04-2011, 23:02 Superdreuzel schreef:

Dat zie ik dan niet


Vreemd.

Op 26-04-2011, 12:33 fleur schreef:

Ik heb hem net weggehaald voor je


Dankjewel!


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Superdreuzel Geplaatst op 30-04-2011, 01:06 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

- Ik heb één typfout gezien

+ Goed uitgewerkt probleem

+ Een hele schooltijd van 7 jaar behandelen in zo'n 13 pagina's. Het is op zo'n manier gedaan waardoor het niet saai is!

+ Het leest lekker weg en is goed geschreven.

Ik zocht een geschrikte uil

Typfoutje

Het is wel een beetje vreemd dat, als je je moeder maanden lang niet hebt gezien, eerst bezig gaat met kleren wassen in plaats van je avonturen bespreken.
Tevens lijkt het mij persoonlijk niet het geval dat je je beste vriendin, die je 2 weken niet hebt gezien, begroet met hallo, en dat die met hoi antwoord

Het verhaal op zich vind ik goed uitgewerkt. Het is echt heel goed gedaan, het probleem in het begin introduceren, dat vervolgens zeven jaar later fout loopt. Het geeft echt een heel overtuigende reden voor Omber's gedrag van zoals wij haar kennen.


Cijfer (8)


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 30-04-2011, 09:54 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 30-04-2011, 01:06 Superdreuzel schreef:

+ Goed uitgewerkt probleem

+ Een hele schooltijd van 7 jaar behandelen in zo'n 13 pagina's. Het is op zo'n manier gedaan waardoor het niet saai is!

+ Het leest lekker weg en is goed geschreven.

[...]
Typfoutje

Het is wel een beetje vreemd dat, als je je moeder maanden lang niet hebt gezien, eerst bezig gaat met kleren wassen in plaats van je avonturen bespreken.
Tevens lijkt het mij persoonlijk niet het geval dat je je beste vriendin, die je 2 weken niet hebt gezien, begroet met hallo, en dat die met hoi antwoord

Het verhaal op zich vind ik goed uitgewerkt. Het is echt heel goed gedaan, het probleem in het begin introduceren, dat vervolgens zeven jaar later fout loopt. Het geeft echt een heel overtuigende reden voor Omber's gedrag van zoals wij haar kennen.


Cijfer (8)


Voor alle drie bedankt

Aha, ja, dat woord wil ik wel eens fout schrijven :$

Hmm, ja, daar heb je inderdaad een punt :$

Dankjewel

Dit bericht is gewijzigd op 30-04 09:56.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Alexx Geplaatst op 30-04-2011, 09:56 Reageer
user icon
Berichten: 564
gebruiker
Verstuur privé bericht

Hoewel je me eigenlijk al had verteld dat je Omber had gekozen, bleef ik het een verrassende keus vinden, dus dat zit al goed Qua fouten ga je vooral op grammaticaal gebied wel eens de mist in, maar dat zou allemaal goed te verhelpen zijn als je je verhaal een keer goed overleest, het is dus wel jammer dat je dat niet hebt gedaan, want ik weet dat het niet aan gebrek aan tijd kan liggen omdat je een van de eersten was die klaar waren. Ik wil toch even vermelden (voor het geval je het niet weet, en dit geldt overigens ook voor de andere schrijvers, want ik heb het bij iedereen gezien) je mag geen zinnen beginnen met 'en' en 'maar'. Naast dat het grammaticaal fout is, is het stylistisch ook gewoon niet mooi. Ik wil je feliciteren je je als een van de weinigen aan het minimum van 10 a4tjes hebt gehouden, dat is een plus. Je hebt soms de neiging om in hele korte zinnen te werken, en dat zorgt ervoor dat je schrijfstijl heel telegram-achtig, monotoon en saai overkomt. Kijk daarvoor uit. Ik snapte echt niets van dat raam in de leerlingenkamer van Huffelpuf. Ik heb het opgezocht en de Huffelpufs slapen in de kerkers, dus dan zou het een betoverd raam moeten zijn (dat kan ik dan nog volgen), maar dan heb je het in een keer over langslopende leerlingen van andere afdelingen die niet naar binnen kunnen kijken. Hoe kunnen ze voor een betoverd raam langslopen? Hoe kunnn ze uberhaupt onder de grond voor een raam langslopen? Ik vond dat het probleem dat je gebruikt echt goed bij het personage van Omber past en dat dat mooi klopt. Ik vind het wel een beetje onrealistisch dat ze het 7 jaar verborgen heeft weten te houden voor haar ouders en dat ze geen moment aan de diploma uitreiking heeft gedacht (over die diploma uitreiking: die lijkt erg op de uireiking die ik heb geschreven in mijn verhaal van de vorige verhalenwedstrijd. Heb je die als model gebruikt? Zo ja, dan ben ik blij dat het aanslaat ^^) Over het algemeen is het dus een goed verhaal, met redelijk wat fouten die makkelijk voorkomen hadden kunnen worden.

cijfer: 7,5


meld dit bericht aan een moderator

 
2