alice Geplaatst op 05-03-2011, 22:25 Reageer
user icon
Berichten: 3205
moderator
Verstuur privé bericht

Stemmen

Ik lag op mijn rug in bed met gesloten ogen naar het zachte druppen van de regen tegen het raam te luisteren. Jim was deze middag naar Zweinsveld gegaan. In tegenstelling tot mijn ouders, hadden zijn ouders hem wel toestemming gegeven om mee te gaan met de tripjes naar Zweinsveld. Dus wanneer hij eens in de zoveel tijd met zijn andere vrienden weg was, bleef ik hier noodgedwongen achter op Zweinstein. Meestal bleef ik dan in mijn eigen slaapzaal, ik had verder toch nergens om heen te gaan. Jim was weg en hij was na vijf jaar school nog steeds mijn enige vriend, dus ik had ook niemand om verder mee rond te hangen. Niet dat mij dat veel uitmaakte, we zaten allebei in Huffelpuf, we sliepen op dezelfde slaapzaal, we zaten allebei in ons zesde jaar en we hadden eigenlijk alle lessen samen, dus ik had bijna altijd wel gezelschap. Hij had wel andere vrienden waar hij soms mee omging, zoals tijdens de tripjes naar Zweinsveld, maar zij hadden mij nooit toegelaten tot hun groep. Vandaar dat ik soms alleen achterbleef. Niet dat ik dat erg vond. Ik kon uren op mijn bed liggen en simpelweg genieten van de stilte. Of nog liever, zoals op dagen als deze, van het geluid van de regen op de ramen.
De eerste paar keer dat hij naar Zweinsveld was geweest, had ik nog gevraagd of hij een souvenir voor me wilde meenemen, als hij wat leuks zou kunnen vinden. Maar hij kwam altijd met lege handen weer terug. In het begin vond ik dat jammer, maar inmiddels was ik er al zo aan gewend dat ik ook niets meer verwachtte.
Over het uitje zelf praatten we eigenlijk nauwelijks. Ik vroeg wel even hoe het was, maar er kwam eigenlijk nooit wat uit om het over te hebben. Meestal hadden ze dan een boterbiertje gedronken bij 'De Drie Bezemstelen' of gewoon door het dorpje geslenterd en af en toe binnen in een winkeltje gekeken, maar het was bijna nooit noemenswaardig.
Uitzonderlijke middagen als deze, waarop ik de hele tijd alleen was, vond ik altijd heerlijk. Ik had eens rustig de tijd om rustig na te liggen denken. Of eigenlijk, om precies te zijn, om helemaal nergens aan te denken. Ik maakte mijn hoofd dan helemaal leeg om te kunnen genieten van het geluid, of meestal de stilte, van mijn omgeving. Het bracht mij volledig tot rust, wat ik af en toe wel kon gebruiken.
Ik had het niet altijd even makkelijk op school. Om te beginnen waren er de lessen zelf. Ik was niet echt één van de slimste leerlingen van de school. Het enige vak waar ik echt goed in was, was astronomie, maar doordat ik daar het nut niet van inzag, heb ik het maar laten vallen. Gelukkig was Jim wel goed in de meeste vakken. Hij hielp me dan ook altijd met mijn huiswerk. Hij bleef het keer op keer geduldig uitleggen tot ik het eindelijk snapte, zelfs al betekende dat dat we tot laat in de avond nog bezig waren. Maar hij raakte gelukkig nooit gefrustreerd omdat ik de stof niet begreep.
Daarnaast waren er nog mijn medeleerlingen. Ik weet niet hoe het kwam, maar de meeste leerlingen leken me altijd te ontwijken. Zoveel verschilde ik toch niet van de rest van de school? Mijn donkerbruine haar was misschien iets langer dan dat van de meeste jongens, mijn stijle haar hing tot op mijn schouders, maar verder zag ik er compleet gemiddeld uit. Mijn bruine ogen vielen niet op en met een lengte van ongeveer één meter tachtig was ik ook niet opvallend groot of klein. En qua kleding kon ik al helemaal niet opvallen, aangezien we bijna altijd ons schooluniform droegen en wanneer dat niet het geval was, in het weekend bijvoorbeeld, droeg ik een simpele spijkerbroek met een effen shirt. Aan mijn gedrag kon het ook niet liggen, ik bemoeide me vrijwel nooit met andere mensen en in de klas was ik ook altijd stil. Maar ondanks dat keken ze me toch raar aan als ik langsliep, alsof ik een staart had of hoorns op mijn hoofd. In de loop der jaren was ik er weliswaar aan gewend geraakt dat ze me zo behandelden, maar ik snapte nog steeds niet waarom dat groepje Zwadderaars me altijd na wees en grapjes over me maakten die net zacht genoeg waren dat ik het niet kon horen, maar daarna wel altijd hard begonnen te lachen. In het begin had ik ze gefrustreerd aangekeken, maar na een tijdje wist ik ze gewoon te negeren. Wat ik echter nog steeds vreemd vond, was dat het niet alleen de leerlingen uit mijn eigen jaar waren, ook de hogere en lagere klassen keken me vreemd aan als ik langs kwam lopen. Zo anders was ik toch niet? En al was ik anders, waarom zou dat iemand wat uitmaken? Ik maakte me er al lang geen zorgen meer over eigenlijk, ik kon er toch niets aan veranderen. Niet dat ik dat stiekem niet wilde, maar ik wist gewoon niet hoe. Ik was nooit goed geweest in het uit mezelf praten met mensen. Wat dat betreft was het al een wonder dat ik sowieso een vriend had. Hij had me op de eerste dag zomaar aangesproken op weg naar de slaapzaal en vanaf dat moment waren we eigenlijk direct bevriend. Maar daar was het dus bij gebleven, vanaf dat moment had iedereen me eigenlijk raar aangekeken.

Ik had geen idee hoelang ik al op mijn bed lag. Als ik daar lag, raakte ik alle gevoel voor tijd kwijt. Ik had niet eens door dat de deur van de slaapzaal open was gegaan en dat Jim naar binnen was gekomen, weer terug uit Zweinsveld.
"Hey, Hugo, tijd om op te staan!" klonk zijn stem vanaf de andere kant van de kamer, terwijl hij op me af liep.
Nu hoorde ik de voetstappen op me af komen. Ik opende langzaam mijn ogen en hief me op mijn ellebogen op, zodat ik Jim aan kon kijken. Ik zag dat het al donker begon te worden buiten.
"Hey, Jim, hoe was het in Zweinsveld?" vroeg ik met een grijns, ook al had ik al een vermoeden wat hij zou antwoorden, aan zijn blonde, druipende haar te zien, dat nu in lange slierten voor zijn gezicht hing, in plaats van de korte krulletjes die normaal met gel omhoog gehouden werden.
"Nat!" antwoordde hij lachend, terwijl hij zijn natte jas op de grond naast zijn bed gooide. Ik moest lachen toen hij zijn schoen schuin in zijn hand hield en er een straaltje water uit begon te lopen. Hij gritste een handdoek uit de grote koffer aan het einde van zijn bed en deed om poging om zijn haar droog te krijgen.
"Is het al tijd om te eten?"
Ik voelde mijn maag al rammelen, dus ik hoopte van wel.
"Het is nog wat vroeg, maar het eten staat al klaar op de tafels in de grote zaal, dus als je honger hebt, kunnen we wel vast gaan."
Ik pakte zijn uitgestoken hand vast en trok me eraan op, zodat ik naast hem kwam te staan. Hij was maar een paar centimeter langer dan ik, maar toch zag hij er veel groter uit. Dit was vooral te danken aan zijn schouders. We trainden allebei eigenlijk nooit, maar toch was hij veel gespierder. Het was wel duidelijk wie van ons twee de knappere was. Ik was degene met de puistjes en hij degene met de meisjes, had ik wel eens grappend tegen hem gezegd, hoewel hij direct had geweten dat er meer achter zat. Hij had me toen geprobeerd op te vrolijken door te zeggen dat ik ook ooit aan de beurt zou zijn, dat er een meisje langs zou komen dat goed genoeg was voor mij, maar ik betwijfelde het. De enige manier waarop mensen hier op school ooit naar me keken, was met minachting of spot in hun ogen.
We liepen de slaapzaal uit en gingen op weg naar de eetzaal. Ik voelde dat mijn benen ook nog even wakker moesten worden, doordat ze al die tijd gewoon stil hadden gelegen op het bed. Als gevolg daarvan struikelde ik over mijn eigen voeten toen we de leerlingenkamer verlieten, waarna er een luid gelach achter mij klonk. Het was niet het vriendelijke gelach dat je hoorde wanneer vrienden lachen om elkaar, ze lachten me gewoon uit. Ik trok me er niets van aan en liep gewoon rustig verder, terwijl ik van binnen mijn voeten vervloekte.
In de eetzaal was het nog rustig. De meeste leerlingen waren waarschijnlijk of nog in Zweinsveld, of ze wilden eerst even onder de warme douche gaan staan voordat ze kwamen eten. We liepen door tot het eind van de lange eettafels en gingen daar tegenover elkaar zitten. Het eten zag er weer heerlijk uit, dus ik gooide snel wat dingen op mijn bord en begon te eten. Niet dat ik me ergens voor hoefde te haasten. Ik hoefde eigenlijk nooit bang te zijn dat hetgeen waar ik zin in had op was, daar zorgden mijn medeleerlingen wel voor, door simpelweg op zo groot mogelijk afstand van mij te gaan zitten. De plaatsen om mij heen waren vrijwel altijd leeg, tenzij het zo vol was dat mensen geen keus hadden om naast mij te komen zitten, maar zelfs dan keerden ze mij direct de rug toe.
Tegen de tijd dat wij klaar waren met eten, begon het drukker te worden. Sommigen sloften nog in hun natte schoenen de zaal in, anderen hadden eerst een poging gedaan om hun haar droog te krijgen en hadden even droge kleren aangetrokken, voordat ze hier kwamen voor het avondeten. Ik stond rustig op en begon richting de uitgang van de grote zaal te lopen. De vloer was nat van de regen die van de kleding van de leerlingen was gevallen, dus ik liep zo voorzichtig mogelijk, zonder te laten zien dat ik bang was om te vallen. Ik had geen zin om weer door iedereen uitgelachten te worden, net zoals in de leerlingenkamer vlak voor het eten. Bij de deur van de eetzaal kwam net een groep Ravenklauwers uit hetzelfde jaar als ik aanlopen, die allemaal snel aan de kant gingen toen ze zagen dat ik op ze af kwam lopen. Allemaal, op één meisje na. Met een wazige blik in haar ogen liep ze zo langs me, de eetzaal in. Hier stond ik even van te kijken. Meestal liep iedereen met een boog om me heen, alsof ik op het punt stond te ontploffen zodra ze in de buurt zouden komen, maar zij liep gewoon vlak langs me, zonder er verder aandacht aan te besteden. Ik herstelde me snel toen ik een groepje Griffoendors naar me zag kijken en begon weer te lopen richting mijn eigen leerlingenkamer.

"Wie was dat blonde meisje die net gewoon langs me liep?" vroeg ik aan Jim, zodra ik in een luie stoel naast het haardvuur was gaan zitten. Ik was toch wel nieuwsgierig geworden naar wie dat meisje nou was.
"Volgens mij zit ze in onze les bij toverdranken", antwoordde Jim, die ondertussen in de stoel tegenover mij was gaan zitten. "Ik geloof dat ik haar daar wel eens gezien heb."
"Hmm." Ik keek voor me uit met gefronste wenkbrauwen.
"Potje toverschaak dan maar?" Ik zag de grijns op zijn gezicht terwijl hij probeerde mijn aandacht van het meisje af te halen.
"Goed, één potje dan."
"Dat zei je de vorige keer ook!" Lachend toverde hij het schaakbord en de schaakstukken tevoorschijn en liet alles geordend neerkomen op de lage houten tafel tussen ons in. "De vorige keer heb ik gewonnen, dus jij mag de eerste zet doen."
"Ik mag altijd de eerste zet doen!" klaagde ik.
"Dan moet je een keer zien te winnen!" antwoordde hij lachend terwijl ik mijn paard naar voren liet springen.
Zo waren we de rest van de avond bezig met potjes toverschaak. Ondanks dat ik vrijwel altijd verloor, bleef ik volhouden dat ik ooit een keer van hem zou winnen. De leerlingenkamer was dan ook bijna leeg toen we besloten dat het tijd was om naar bed te gaan. De volgende dag was het maandag, dus we zouden weer gewoon naar de lessen moeten. In de middag stond toverdranken op het rooster. Ik had al besloten dat ik goed op zou letten of dat meisje uit de eetzaal inderdaad bij ons in die les zat. Ik verwachtte er verder niets van, maar ik was nu eenmaal nieuwsgierig aangelegd. Ik was niet bijzonder slim, maar als ik me eenmaal iets afvroeg, bleef het aan me knagen tot ik er een antwoord op had gevonden. Met dit voornemen in gedachten stapte ik mijn bed in en viel ik in slaap.

De volgende ochtend was weer een ochtend als alle anderen. Terwijl ik grote moeite had om alleen al mijn ogen open te doen, was Jim al lang wakker en was alvast naar de leerlingenkamer gegaan. Ik was beslist geen ochtendmens. Het maakte niet uit hoe laat, of eigenlijk hoe vroeg, ik de avond ervoor naar bed ging, de volgende ochtend had ik er altijd moeite mee om wakker te worden. 's Avonds daarentegen kreeg ik juist energie. Wanneer anderen al naar bed gingen, begon ik juist net wakker te worden, zelfs al was ik die ochtend vroeg op gestaan. Jim was het eigenlijk allebei. Hij was altijd eerder wakker dan ik, was eigenlijk altijd de hele dag vrolijk en wakker en ging 's avonds pas rond dezelfde tijd als ik naar bed. Ik vroeg me wel eens af waar hij die energie vandaan haalde, het leek was of hij nooit moe werd. Zelfs in het weekend, als we eindelijk uit konden slapen, was hij altijd veel eerder wakker dan ik.
Toen ik, met nog half dichtgeknepen ogen van vermoeidheid, de leerlingenkamer in kwam lopen, stond hij op uit de stoel waar hij gezeten had en liep richting de deur, waar we precies tegelijk uitkwamen.
"Môgguh." kreunde ik in mijn typische ochtendstem.
Jim was achter heel wat vrolijker.
"Goeiemorgen, klaar voor weer een nieuwe week?"
Ik keek hem aan alsof hij gek geworden was, zoals ik eigenlijk iedere ochtend keek wanneer ik me verbaasde over het feit hoe hij zo vrolijk kon zijn. Na al die jaren kon ik daar nog steeds niet aan wennen.
Het was de week voor de kerstvakantie, dus vandaag zouden ze beginnen met het versieren van de school. De jachtopziener, Rubeus Hagrid, echt een boom van een kerel, kwam al door de gang lopen met een grote kerstboom over zijn schouder, alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat je zo'n boom over je schouders droeg.
In de eetzaal was het druk. Ik was altijd één van de laatste die naar de eetzaal kwam voor het ontbijt, maar er was gelukkig altijd nog genoeg te eten. Niet dat dat 's ochtends veel uitmaakte, ik kreeg vaak toch geen hap door mijn keel als ik net wakker werd. Daarom begon ik altijd rustig met een glas sinaasappelsap, om eerst even mijn keel te spoelen als het ware, voordat ik een broodje pakte om toch wat te eten. Het nadeel was dat ik een uur na het ontbijt alweer honger had, doordat ik maar één broodje naar binnen wist te werken, maar dan moest ik altijd wachten tot de lunch voor ik mijn maag tevreden kon maken.

We begonnen die ochtend met gedaanteverwisselingen. Dit was veruit mijn slechtste vak. Bijna alles wat ik hier probeerde, mislukte, tot grote ergernis van professor Anderling. Ik had voor dit vak dan ook op het nippertje nog mijn SLIJMBAL weten te halen, al was het alleen maar vanwege al die uren dat Jim mij de stof had geprobeerd uit te leggen, in het begin zonder resultaat, maar hij blijf volhouden dat ik het kon.
"Goedenmorgen klas," begon professor Anderling terwijl ze het lokaal binnen kwam lopen, "Vandaag zullen we beginnen aan een nieuw onderdeel. Blader allemaal maar naar hoofdstuk zeven van je lesboek, dan zullen we eerst beginnen met wat theorie."
Ik sloeg mijn boek open en zag de titel van het volgende hoofdstuk in grote letters bovenaan de pagina staan. Uittreding. Ik vroeg me af wat daarme bedoeld werd.
"We gaan het in dit hoofdstuk hebben over 'uittreding', oftewel, het buiten je eigen lichaam kunnen treden. Weet iemand toevallig al het één en ander over dit onderwerp?"
Ik keek de klas rond. Niemand stak zijn hand op. Aan de blik van professor Anderling te zien, had ze dit wel verwacht.
"We zullen dit niet in de praktijk gaan uitvoeren, daarvoor is het veel te ver gevorderde magie. Er zijn slechts een paar tovenaars en heksen ter wereld die dit volledig onder controle hebben." Anderling keek de klas rond. Een paar leerlingen gingen wat rechter op hun stoel zitten, om het verhaal beter te kunnen volgen. "Desondanks is het wel belangrijk dat je de theorie hierachter kent."
"Misschien hebben jullie wel eens dreuzelverhalen gehoord of gelezen over mensen die beweerden buiten hun lichaam te zijn getreden. Dat hun ziel was opgestegen uit hun lichaam en dat ze hun eigen lichaam van bovenaf konden bekijken, alsof ze een toeschouwer van hun eigen leven zijn."
"Zijn die dreuzels niet gewoon onder invloed van één of andere drugs?" grapte een jongen aan de andere kant van het lokaal.
Anderling wierp hem een geïrriteerde blik toe en ging verder met haar verhaal.
"Een deel van die dreuzels was inderdaad onder invloed van drugs, maar lang niet allemaal. Sommigen ervaarden het in hun slaap, tijdens een meditatiesessie of bijvoorbeeld tijdens een operatie. De meningen onder de dreuzels over de oorzaak hiervan lopen wijd uiteen. Sommigen geloven daadwerkelijk dat hun ziel buiten hun lichaam treed, anderen doen het af als een hallucinatie, of wijzen het toe aan een te grote fantasie of drugs."
Bij deze laatste zin keek ze snel vanuit haar ooghoek naar de jongen die eerder de grap had gemaakt voordat ze verder ging.
"Het is echter wel degelijk mogelijk om buiten je lichaam te treden, met totale controle over zowel je lichaam als je geest en de hulp van magie. De dreuzels die dit daadwerkelijk ervaren hebben, deden dit waarschijnlijk door stom toeval. Ze hadden er dan ook geen controle over. Voor tovenaars en heksen is het wel mogelijk om er controle over te krijgen, maar dit is niet zonder gevaren. Het is mogelijk om met je geest je overal naartoe te verplaatsen, een geest staat immers niet onder invloed van de Aardse natuurkundewetten, maar je lichaam blijft dan volledig onbeschermd achter. Zelfs het verplaatsen van het lichaam kan al gevaarlijk zijn, waardoor de geest bijvoorbeeld onvolledig terugkeert naar het lichaam en er een klein deel ergens rond blijft zweven, onherstelbaar."
De rest van de les ging professor Anderling verder met het uitleggen van de manier hoe de 'uittreding' werkt en hoe het in het verleden al gebruikt was voor goede doeleinden, maar ze gaf voornamelijk veel voorbeelden over de manieren waarop het allemaal fout kon gaan. Zelf zat ik rechtop in mijn stoel te luisteren. Voor de verandering begreep ik alles wat ze vertelde, van de manier waarop het werkte tot alle vreselijke manieren waarop het fout kon gaan. Naast mij zat Jim met zijn armen over elkaar geslagen onderuit gezakt op zijn stoel, zijn wenkbrauwen waren samengetrokken tot een frons. Ik wist niet zeker of hij er gewoon weinig van geloofde of dat hij de stof zelf niet begreep. Na de les bleek het een combinatie van deze twee te zijn.

Toen de les na twee uur afgelopen was, liepen we door de gang richting onze leerlingenkamer, aangezien het nog te vroeg was voor de lunch. Normaal gesproken zouden we in deze tijd even naar buiten gaan, het maakte ons niet uit hoe koud het buiten was, maar aangezien het vandaag nog steeds regende, besloten we maar binnen te blijven.
"Ik begrijp er niets van!" begon Jim direct te klagen zodra we het lokaal hadden verlaten. "Hoe kan iemand nou weer 'buiten zijn lichaam treden'? Er is toch niets meer dan je lichaam? Hoe wil je er dan buiten treden? Je hersenen eruit schrapen?"
Dit was een punt waarop wij van mening verschilden. Ik geloofde dat een mens bestaat uit een lichaam en een geest. Je lichaam is als het ware je 'avatar' in deze wereld, terwijl je geest hetgeen is dat je lichaam bestuurt. Deze twee werken samen via je brein, dit is het punt waarop ze elkaar signalen doorgeven.
Hij was ervan overtuigd dat er niets meer is dan je lichaam. Je bent je lichaam, je neemt waar met je lichaam en bestuurt met je hersenen en daarbuiten is er niets, behalve de wereld die wij zelf waarnemen.

We bleven hierover praten tot het tijd was om te gaan lunchen. Direct na de lunch hadden we toverdranken van professor Sneep. Dit was de enige les waar ik altijd nog meer tegenop zag dan gedaanteverwisseling. Niet vanwege het vak zelf, toverdranken maken vond ik eigenlijk best leuk, maar vanwege professor Sneep zelf. Sneep was de enige docent die mij niet met rust liet. De rest van de docenten negeerde me gewoon, ik vermoedde om dezelfde reden als dat de rest van de school mij raar aankeek, maar hij stelde mij altijd lastige vragen, omdat hij wist dat ik ze niet kon beantwoorden, waarna hij me minachtend vertelde dat ik toch echt beter de stof zou moeten lezen.
Zodra ik de klas binnenkwam, liep ik direct naar mijn vaste tafeltje, rechts achterin de klas, zo ver mogelijk van Sneep verwijderd, waar de rest van de klas me niet raar aan kon staren. De tafeltjes voor mij bleven over het algemeen angstvallig leeg.
Langzaam stroomde het lokaal vol. Zoals gewoonlijk bleef iedereen zo ver mogelijk bij mij uit de buurt, dus de tafeltjes voor mij bleven wederom leeg. Eén van de laatste leerlingen die binnen kwam lopen, was een blond meisje. Het was hetzelfde meisje als degene die ik de dag ervoor tegen was gekomen. Ze was kleiner dan de rest van de mensen uit de klas, maar haar blonde haar kwam tot aan haar taille en was aan de rechterkant achter haar oor gestopt, waardoor een oorbel in de vorm van een radijs zichtbaar was. Haar zilver-achtige ogen stonden nog steeds wazig, alsof ze er met haar aandacht niet helemaal bij was, maar toch leek ze precies te weten waar ze mee bezig was. Ze ging ergens halverwege de linker rij tafels in haar eentje zitten, er kwam niemand naast haar zitten. Ik vroeg me af waarom ze mij nooit eerder was opgevallen, ze zag er duidelijk anders uit dan de meeste mensen. Maar aan de andere kant, zoveel aandacht besteedde ik meestal ook niet aan mijn medeleerlingen.
Ook Sneep had besloten om deze les te besteden aan wat theorie, voordat we er de volgende les zelf mee aan de gang zouden kunnen, dus we moesten de hele les blijven zitten en luisteren. Af en toe dwaalde mijn blik even af naar het wazige meisje. Ze leek onbeweeglijk. Ze zat rechtop in haar stoel, met haar armen op elkaar op de tafel en ze liet haar hoofd iets naar links hangen, zodat d'r haar goed achter haar oor bleef zitten. Ze zag er apart uit, maar dat fascineerde me juist. Ze was duidelijk niet zoals de rest van leerlingen. Maar of het eigenlijk iets uitmaakte voor mij? Vast niet.

De rest van de week verliep eigenlijk gewoon weer zoals alle andere weken in de afgelopen jaren waren gegaan. Ik ging naar de lessen, ik at mijn maaltijden in de grote zaal, ik speelde toverschaak met Jim, als het droog was, liepen we tussen de lessen over het schoolterrein en ik sliep in mijn eigen slaapzaal. Aangezien het de week voor de kerstvakantie was, was de school inmiddels van top tot teen versierd met grote kerstbomen, slingers en heel veel kaarsen. Buiten kwam de temperatuur net niet onder het nulpunt, waardoor er buiten alleen maar regen viel. Af en toe zag ik het blonde meisje nog lopen. Ze liep eigenlijk altijd in haar eentje, met altijd diezelfde dromerige blik in haar ogen. Het leek haar totaal niet uit te maken wat anderen van haar vonden. Zelfs wanneer ze een keer zonder schoenen langs kwam lopen en de anderen haar lachend 'lijpo' noemden, leek ze het niet te merken en bleef ze gewoon doorlopen, zonder enige verandering in de blik in haar ogen of de uitdrukking op haar gezicht.
Jim had ondertussen gemerkt dat ik af en toe met een wazige blik naar haar keek als ze langs kwam lopen en maakte er dan het liefst een opmerking over.
"Volgens mij zijn die ogen van haar besmettelijk, je kijkt namelijk net zo afwezig als zij wanneer ze langsloopt," grinnikte hij op vrijdag, toen ze na de les toverdranken langs mijn tafeltje liep en het lokaal verliet.
Ik wist niet waarom, maar er was iets aparts aan haar wat iedere keer mijn aandacht trok. Ik vroeg me af wat het is. Ik trok me al bijna zes jaar niets aan van mijn medeleerlingen, dus waarom deed ik dat nu opeens wel? Was ik misschien zo gewend geraakt aan het feit dat iedereen mij ontweek, dat ik het vreemd vond dat iemand mij opeens anders behandelde? Of beter gezegd, dat iemand gewoon helemaal niet leek te merken dat ik er was, of zich er gewoon niets van aantrok?
Misschien had ik het me allemaal ook maar gewoon verbeeld. Misschien probeerden mijn hersenen mij gewoon gek te maken door mij te laten geloven dat zij anders was, dat zij me normaal zou behandelen, alleen maar omdat ze mij één keer niet had ontweken. Het kon gewoon toeval zijn geweest in de grote zaal, dat ze met haar gedachten ergens anders was geweest en mij dus niet had gezien.
Maar toch kon ik het knagende gevoel dat ik kreeg wanneer ze langs liep niet onderdrukken, het gevoel dat ik erachter moest zien te komen wie ze was. Maar daar zou ik waarschijnlijk toch nooit achterkomen. En zelfs als ik het wel zou weten, het zou waarschijnlijk toch niks uitmaken.

Het was de eerste zaterdagochtend van de kerstvakantie. Ik was net nogal hard wakker gemaakt door Jim, die nu ieder moment op de trein naar huis zou stappen. Hij ging twee weken met zijn ouders op vakantie, terwijl ik hier op Zweinstein zou blijven. Hij had wel aan zijn ouders gevraagd of ik misschien mee mocht, omdat ik anders in mijn ééntje achter zou blijven, maar dat hadden ze niet goed gevonden. Jim wist zelf niet eens waar ze naartoe zouden gaan, dat wilden zijn ouders een verrassing voor hem houden tot ze er waren. Daardoor zou ik mezelf dus toch de komende twee weken zelf moeten zien te vermaken. Daar zag ik wel tegenop. Ik vond het altijd best fijn als hij een middag naar Zweinsveld was of met zijn andere vrienden rond hing, dan kon ik vaak urenlang op bed of buiten op het gras liggen luisteren naar de wind of de regen, maar twee weken vond ik toch wel erg lang.
We liepen door de grote deuren van het kasteel naar buiten, richting de koetsen zonder paard. Hij sjouwde een grote hutkoffer achter zich aan. Bij één van de koetsen aangekomen, gooide hij zijn koffer erin en draaide zich om om mij nog een ferme handdruk te geven en met zijn andere hand op mijn schouder te kloppen, voordat hij de koets in sprong.
"Hou je haaks!" riep hij nog terwijl de koets zich in beweging zette en langzaam uit het zicht verdween. Ik stond daar nog in mijn pyjama. Hij had me zo lang mogelijk laten slapen voor hij weg moest, dus ik had nog geen tijd gehad om me om te kleden.
Ondanks dat het nog vroeg in de ochtend was, er kwam net een mager winters zonnetje boven de heuvels kijken, was ik nu klaarwakker. De temperatuur lag rond het vriespunt, maar ik had het niet koud in mijn pyjama. Ik stond te kijken hoe andere leerlingen naar buiten kwamen en in andere koetsen stapten, om vervolgens ook weg te rijden richting de Zweinstein Express. Ik vroeg me af wat ik de komende weken zou gaan doen. Ik betwijfelde of het veel nuttigs zou zijn. Huiswerk hadden we niet gekregen voor na de vakantie, dus daar hoefde ik mijn tijd al niet aan te besteden. Misschien dat ik eens een boek zou kunnen lezen. Ik wist anders ook niet wat ik zou moeten doen.
Ik stond daar nog een half uur te kijken naar de vertrekkende leerlingen voordat mijn maag begon te knorren. Ik besloot dat ik net zo goed maar kon gaan ontbijten, ik had toch niets beters te doen. Dus ik liep maar rustig naar de grote zaal.
In de grote zaal was het heel erg rustig, er was bijna niemand. De meeste leerlingen gingen naar huis in de vakantie. Ik ging ergens bij een kan sinaasappelsap zitten en schonk mezelf een glas in. Ik hield het glas met twee handen vast en nipte voorzichtig een slokje van de drank, alsof het hete thee was. Ik staarde suf voor me uit terwijl ik daar zat met het glas in mijn handen. Toen mijn maag weer begon te knorren, keek ik omlaag naar het eten dat op tafel lag. Ik pakte een wit broodje uit een mand en beet er een hap af, waarna ik er eerst rustig op zat te kauwen voordat ik de hap inslikte. Op die manier was ik een hele tijd bezig met mijn ontbijt. Ik had immers geen idee waarom ik me zou moeten haasten.
Toen ik eindelijk mijn broodje en mijn drinken op had, besloot ik dat het misschien toch eens tijd was om normale kleren aan te trekken. Ik zat al de hele tijd in mijn pyjama aan het ontbijt. Onderweg naar de leerlingenkamer kwam ik helemaal niemand tegen. De school leek wel verlaten, ware het niet voor alle kerstversiering die overal hing met verlichting en zelfs versieringen die geluid maakten. In de leerlingenkamer zaten drie jongens met elkaar te praten bij het haardvuur. Toen ik binnenkwam, keken ze even op en gingen toen snel weer verder met praten.

In mijn slaapzaal aangekomen, ging ik op de rand van mijn bed zitten. Een tijd lang zat ik daar, me afvragend wat ik zou gaan doen. Uiteindelijk besloot ik me maar gewoon aan te kleden. Ik trok mijn grijze spijkerbroek aan en een blauw shirt dat eigenlijk iets te groot voor me was. Daaroverheen deed ik mijn donkerblauwe trui met zwarte strepen over de voorkant. Al mijn kleding zag er eigenlijk zo simpel uit, wat maakte het nou uit wat ik aantrok.
Ik besloot dat ik zou gaan wandelen over het schoolterrein. De temperatuur lag net iets onder het vriespunt, maar de zon scheen wel, dus ik vond het niet nodig om een jas aan te trekken. Een jas zat toch alleen maar in de weg, dus met alleen een trui aan liep ik door de grote deuren naar buiten. Mijn handen had ik in de iets te lange mouwen naar binnen getrokken, gewoon omdat ik dat prettig vond, niet zozeer omdat mijn handen anders koud werden.

Ik liep over het schoolterrein zonder echt te zien waar ik heen liep. Ik had hier in de afgelopen jaren al zo vaak gelopen, dat ik het hele terrein uit mijn hoofd kende. Het verbaasde me dan ook niets dat ik plotseling aan de oever van het grote meer stond. Dit was één van mijn favoriete plekken in de omgeving van Zweinstein. Ik kon uren zitten kijken naar de manier waarop het water bewoog in de wind en hoe de vogels af en aan bleven vliegen.
Ik ging op het gras zitten. Het gras was wat vochtig, maar dat maakte me niet uit. Na een paar minuten merkte ik daar toch niks meer van. Op het water lag een flinterdun laagje ijs. Het ijs was nog niet erg sterk, dus het waren eigenlijk allemaal drijvende eilandjes die op het water lagen. Onbewust koos ik één van die eilandjes uit en keek toe hoe deze in het water op en neer en heen en weer deinde. Het was bijna windstil, dus het water bewoog maar heel rustig. Zo bleef ik een hele tijd zitten, kijkend naar mijn eigen eilandje, alsof ik erdoor gehypnotiseerd was en mijn blik er niet van af kon houden.
Ik merkte dan ook niet dat er iemand achter mij was komen staan, tot ik een zachte, dromerige stem hoorde praten.
"Ik kan ook altijd uren naar het meer kijken."
Ik had eerst niet eens door dat ze het tegen mij had. Ik was het niet gewend dat mensen zomaar tegen me begonnen te praten.
"Mag ik erbij komen zitten?"
Nu keek ik achterom, ook al verwachtte ik dat ze het tegen iemand anders had. Het eerste dat ik zag, was een redelijk wijde, rode, korte broek met heel veel kleine, witte bloemetjes erop. Ik vroeg me af of dat niet koud was. Ik zag de lange blonde haren hangen en volgde deze omhoog naar het gezicht van het meisje. Daar zag ik twee wazige ogen mij vragend aankijken.
"Had je het tegen mij?" vroeg ik terwijl ik een stekend gevoel in mijn maag voelde. Half om half verwachtte ik dat ze me gewoon wilde pesten, of dat ze misschien een weddenschap met iemand had om mij aan te spreken.
"Natuurlijk, zie jij nog iemand anders hier?" Ze hield haar hoofd een beetje schuin terwijl ze me nog steeds vragend aankeek. Haar stem klonk oprecht.
"Sorry, ik had niet verwacht dat iemand mij aan zou spreken," verontschuldigde ik, "tuurlijk mag je gaan zitten."
Dit had ik absoluut niet verwacht. Ik kon me niet herinneren dat iemand op school me ooit eerder had aangesproken, laat staan dat iemand zomaar naast me was komen zitten. Met uitzondering van Jim natuurlijk, maar die was er nu niet. Hij zou niet weten wat hij hoorde als ik hem dit vertelde, bedacht ik me.
Het meisje ging naast me zitten in kleermakerszit, met haar handen op haar knieën.
"Waarom zou niemand je aan willen spreken?" vroeg ze verbaasd, terwijl haar ogen op het meer gericht waren. Ze leek niet door te hebben wat er zich al jaren had afgespeeld op school.
"Ik wou dat ik het wist." zuchtte ik. "Iedereen loopt altijd het liefst met een grote boog om mij heen. Behalve Jim tenminste, maar die is er nu niet."
"Wat gek." Dat was alles wat ze zei, maar ze leek er serieus over na te denken. Ze staarde met haar wazige ogen over het meer, waarbij ze nauwelijks leek te knipperen. Ik richtte mijn ogen ook weer op het ijs, weer op zoek naar het kleine eilandje dat ik eerder de hele tijd had gevolgd.
Zo zaten we een paar minuten allebei naar het ijs te kijken. Ik had geen idee wat ik zou moeten zeggen. Er dwaalden wel gedachten door mijn hoofd, maar ik was bang dat ik haar weer weg zou jagen als ik begon te praten. Hoewel ik aan de andere kant ook bang was dat ze zich zou gaan vervelen als ik de hele tijd mijn mond hield.
"Ik heet trouwens Loena." zei ze plotseling, terwijl ze haar hoofd mijn kant op draaide. Het leek wel alsof ze niet door had gehad dat het al een paar minuten stil was geweest.
"Oh, uhm..." Ik schrok er eerst van toen ze weer begon te praten. "Ik ben Hugo."

We bleven bij het meer zitten tot de zon plotseling achter een wolk verdween. Toen merkte ik opeens dat ik honger had, mijn maag begon gekke geluiden te maken. Terwijl we daar hadden gezeten, had ik daar niets van gemerkt. De gesprekken verliepen vrij rustig. Na een paar zinnen uitgewisseld te hebben, viel het gesprek meestal weer even stil en staarden we weer allebei naar het meer. Vaak was zij het dan die met een nieuwe vraag kwam, ik kon meestal zo snel niets bedenken om te zeggen. Het was ook nooit eerder nodig geweest eigenlijk en ik had ook niet verwacht dat het vandaag nodig zou zijn. Maar ze leek het niet erg te vinden dat er af en toe een stilte viel.
"Heb je honger?" merkte ze plotseling op, precies op het moment dat ik mijn maag voelde rammelen. Het verbaasde me dat ze dat hoorde.
"Ja, ik denk dat ik maar even wat ga eten," antwoordde ik, terwijl ik voorzichtig opstond, "ga je mee?"
"Ik heb geen honger."
"Oh. Tot later dan?"
"Ja."
Ik vond het lastig om hoogte van haar te krijgen. Ze leek me wel heel aardig en attent, maar toch leek het alsof ze de hele tijd met haar aandacht ergens anders zat. Ik had Jim vaker horen zeggen dat vrouwen twee dingen tegelijk konden doen, maar zij leek gewoon helemaal afwezig te zijn van het gesprek. En toch merkte ze op dat mijn maag rammelde en gaf ze gericht antwoord als ik haar een vraag stelde. Het verbaasde me sowieso dat ze me vragen stelde, of dat ze uberhaupt bij me was komen zitten.
Niet dat ik dat erg vond, integendeel. Dit was voor het eerst dat iemand zomaar tegen me was begonnen te praten, als je Jim even niet meerekende. Ik kreeg een raar gevoel in mijn maag. Ik vroeg me af of ze het meende, dat ze me later wel weer zou zien. Ze had gezegd van wel, ook al had het nog zo dromerig geklonken. Ik hoopte van wel, dat was het vooral. Misschien hoefde ik mij dan toch niet te vervelen deze kerstvakantie.

Nadat ik gegeten had, liep ik weer naar buiten. Deels omdat ik toch niet wist wat ik anders zou moeten doen en deels omdat ik hoopte dat Loena er nog zou zitten. Maar ze was weg. Ik keek om me heen, maar ik zag haar nergens lopen. Het schoolterrein was sowieso verlaten. Toen ik naar de lucht keek, had ik wel een vermoeden waarom dat was. De lucht was nu volledig dichtgetrokken. De wolken zagen er zwaar uit. Niet het donkergrijze waar een zware regenbui uit zou komen, dit waren winterse wolken. Lichtgrijs, maar nog steeds zwaar. Zwaar van alle sneeuw die vanmiddag waarschijnlijk naar beneden zou vallen.
Er verscheen een glimlach op mijn gezicht. Ik hield van sneeuw, zo mogelijk nog meer dan van regen. Ik kon me geen mooier landschap voorstellen dan de omgeving van Zweinstein die bedolven was onder een dik pak sneeuw. De meeste leerlingen gooiden liever sneeuwballen naar elkaar, maar ik vond het fijner om er alleen maar naar te kijken.Niet dat de andere leerlingen me mee zouden laten doen als ik het zou vragen. Dat was een voordeel van ontweken worden, ik liep tenminste niet de kans om bedolven te worden onder de sneeuw.

Ik zag Loena pas weer bij het avondeten. Ze zat aan haar eigen afdelingstafel, dromerig voor zich uit te staren. Ik vroeg me af wat ze die middag gedaan had. Zelf had ik gewoon wat rondgelopen over het terrein. Halverwege de middag was het inderdaad gaan sneeuwen, zoals ik al verwacht had. Ik was dan ook bedekt met een laagje sneeuw toen ik de school weer binnen was gekomen, dus ik had eerst even iets droogs aangetrokken voor ik naar de grote zaal was gegaan.
De zaal was weer bijna leeg, net zoals het die ochtend was geweest. Er zaten nu misschien maar dertig of veertig mensen in de zaal. Ik gokte dat dat ongeveer de helft was van de mensen die deze vakantie op school waren gebleven. Dit betekende gelukkig wel dat er maar weinig mensen waren die mij zouden ontwijken of raar aankijken.
Ik liep automatisch naar het einde van de tafel, naar de plek waar ik meestal ongeveer zat. Terwijl ik begon te eten, merkte ik opeens dat ik meer honger had dan ik eerst had gemerkt. Het duurde een tijd voor ik klaar was, iedere keer schepte ik mezelf weer iets anders op.
Uiteindelijk legde ik mijn bestek neer en liet ik mijn armen rusten, mijn schouders zakten omlaag. Ik bleef een paar tellen zitten voor ik langzaam opstond en richting de deur begon te lopen. Bij de deur kwam ik Loena weer tegen.
"Ga je weer mee naar buiten?" vroeg ze in haar dromerige stem, terwijl ze naast me kwam lopen.
Ik wist niet goed wat ik moest zeggen, dus ik bleef maar gewoon naast haar lopen. Ik vroeg me af of ze het door had, ze bleef alleen maar vooruit kijken. Het leek me sterk dat ze het niet zou merken.
Buiten was het al donker. Het was inmiddels opgehouden met sneeuwen en de lucht was weer open getrokken, waardoor de sterren en een grote, bijna volle maan zichtbaar waren. We liepen rustig door de sneeuw. Toen we een eindje van de school verwijderd waren, keek ze me even aan en begon te praten. In het begin was het niet makkelijk om met haar te praten. Ik probeerde wel eens een grapje te maken tussendoor, maar dat leek ze niet door te hebben, ze had me met een vragende blik in haar ogen aangekeken. Maar ze luisterde goed naar de dingen die ik te vertellen had. Ik vertelde haar vooral over de dingen die ik samen met Jim had gedaan. Waar moest ik anders immers over vertellen? Zelf sprak ze veel over haar vader en het tijdschrift dat hij schreef en uitgaf, 'de Kibbelaar'.

Toen ik in bed lag, voelde ik me deels opgetogen. Aan de ene kant was ik blij omdat ik Loena had ontmoet. Ook al leek ze misschien een beetje afwezig de hele tijd, ze leek oprecht aardig tegen me. Het maakte haar duidelijk niet uit wat de rest van de school van me vond. Maar aan de andere kant had ik er een vreemd gevoel bij. Ik vroeg me af waar dat door kwam. Misschien kwam het gewoon door de verrassing, dat ik niet had verwacht dat ze me zomaar zou aanspreken, dat ik dus waarschijnlijk niet de hele kerstvakantie in mijn eentje door zou hoeven brengen. Met een mengeling van die twee gevoelens in mijn maag viel ik uiteindelijk in slaap.

De twee weken van de kerstvakantie vlogen voorbij. Iedere dag liep ik samen met Loena door Zweinstein of over het terrein, dat nog steeds bedekt was met een dikke laag witte sneeuw. Wanneer ik 's avonds in bed lag, waren mijn gevoelens verdeeld. Aan de ene kant was ik gewoon blij dat ik haar had ontmoet, dat ik met haar kon praten en gewoon de tijd mee kon doorbrengen. Aan de andere kant was er het vreemde gevoel in mijn maag dat ik niet goed kon plaatsen. Het gevoel kwam iedere keer weer terug, maar ik had geen idee waar het vandaan kwam. Het was zeker geen vervelend gevoel. Sterker nog, het was een verslavend gevoel. Iedere keer als het wegzakte, probeerde ik het weer op te roepen. Ik merkte dat het iets te maken had met mijn gedachten aan Loena, maar ik wist niet precies wat het was.
Ik kwam erachter op oudejaarsavond, toen we samen naar buiten waren gegaan om naar het magische vuurwerk te kijken dat professor Perkamentus geregeld had. Ze was op haar tenen gaan staan om mij een gelukkig nieuwjaar te wensen en had mij daarbij een kus op mijn mond gegeven, waarna ze mijn hand vast had gepakt en de rest van de avond niet meer losgelaten. Toen ze dat deed, was mijn maag over de kop geslagen en mijn hart was zo snel gaan kloppen dat ik bang was dat mijn borstkas open zou barsten. Het had geleken alsof Loena het niet gemerkt had, ze hield haar ogen gericht op het vuurwerk, waarvan de weerspiegelingen weerkaatsten in haar ogen.

Toen was de dag aangebroken dat de leerlingen weer terug naar school zouden komen. De vakantie was bijna afgelopen. Ik stond samen met Loena te wachten tot Jim weer terug zou komen. Hij zou wel verbaasd zijn als hij me zo zag staan, met een arm om Loena heen geslagen. Ik verwachtte dat hij zou lachen en me vertellen dat hij het altijd al had geweten.
Na bijna anderhalf uur zag ik hem eindelijk uit de koets stappen. Hij was eerder verbaasd dan enthousiast. Nadat hij zich hersteld had, probeerde hij het wel, maar toch had ik het idee dat hij niet helemaal oprecht was dat hij blij voor me was. Maar ik dacht dat het wel over zou gaan.
De reactie van Loena had ik ook niet helemaal begrepen. Ze had op een vage manier naar hem staan staren, alsof ze dwars door hem heen keek. Ze had hem wel even gedag gezegd, maar daar was het ook bij gebleven.

De week die daarop volgde, was bijzonder frustrerend. Loena was na de lessen wel vaak bij me, maar zodra Jim erbij was, gedroeg ze zich compleet afwezig. En Jim was ook de vrolijkste niet meer, hij verweet me soms dat ik teveel bezig was met Loena en te weinig met mijn schoolwerk, of dat we zo weinig spelletjes meer speelden. Ik vroeg me af of ze elkaar misschien al kenden, of er misschien eerder iets gebeurd was tussen hun. Maar ik bedacht me dat Loena het me dan waarschijnlijk wel verteld had. Dacht ik.
Af en toe was Jim ook gewoon plotseling een paar uur weg. Hij miste bijvoorbeeld de lessen toverdranken, of plotseling het avondeten. Het gaf me wel de kans om met Loena om te kunnen gaan, maar toch zat het me niet lekker, ik maakte me zorgen, maar als ik één van beide ernaar vroeg, zeiden ze dat er niks aan de hand was.
De weken daarna werd het alleen maar erger met Jim. Hij was steeds vaker plotseling weg, soms zelfs terwijl ik midden in een gesprek met hem zat. Als ik hem dan wilde aankijken, was hij opeens spoorloos verdwenen. Hij was zelfs een keer plotseling uit de les verdwenen. Als hij er dan wel was, was hij ook steeds vaker chagrijnig. Ik dacht soms dat ik gek werd. Loena leek zich er ook zorgen om te maken. Ze liet het niet merken aan haar gedrag, maar haar ogen straalden niet meer dezelfde dromerigheid uit als eerst.

Anderhalve maand na de kerstvakantie, nadat Jim terug was gekomen, werd het me plotseling maar al te pijnlijk duidelijk. Ik liep samen met Loena over het schoolterrein. Het was niet bewolkt, maar het was bijna nieuwe maan. Het enige licht kwam uit het kasteel.
"Ik denk dat je hier wel even naar wil kijken."
Ze hield me een grote, witte map voor. St. Holisto, stond op de voorkant. Ik sloeg de map open en zag direct bovenaan het eerste velletje mijn eigen naam staan. Ik kon me niet herinneren dat ik ooit in het ziekenhuis had gelegen.
Ik sloeg de pagina om en keek verschrikt naar de grote rode stempel die op het papier was gedrukt. 'Experiment Mislukt'. Iets naar onder las ik wat het inhield. 'Onvolledige terugkeer van de geest naar het lichaam. Geestelijke conditie: Schizofreen.'


meld dit bericht aan een moderator

 
Superdreuzel Geplaatst op 06-03-2011, 00:44 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 05-03-2011, 22:15 alice schreef:
Ik had geen zin om weer door iedereen uitgelachten te worden, net zoals in de leerlingenkamer vlak voor het eten.

uitgelachten?
Op 05-03-2011, 22:15 alice schreef:
Ik vroeg me af wat daarme bedoeld werd.

Foei, zomaar een e vergeten

Op 05-03-2011, 22:15 alice schreef:
"Zijn die dreuzels niet gewoon onder invloed van één of andere drugs?"

is het dan niet één of andere drug?

Op 05-03-2011, 22:15 alice schreef:
alleen maar naar te kijken.Niet dat de andere leerlingen

Spatie vergeten

Op 05-03-2011, 22:15 alice schreef:
De reactie van Loena had ik ook niet helemaal begrepen. Ze had op een vage manier naar hem staan staren, alsof ze dwars door hem heen keek. Ze had hem wel even gedag gezegd, maar daar was het ook bij gebleven.


Volgens mij ben ik eindelijk (deels) achter het plotxD Als ik me niet vergis is Jim een fantasievriend van Hugo. Ik lees het snel ff uit


Hmm, nu snap ik het niet meer. Ik heb het net uitgelezen, en nu ben ik in de war Is Hugo nou schizofreen of ligt die Jim nou in het ziekenhuis?

Anyway, goed geschreven

En dat einde... Experiment... Deed Howlingwolf (volgens mij was jij het) niet ook al zoiets bij de vorige wedstrijd? Wel zou ik graag uitleg verwachten over het plot, want ik ben nu totaal in de war


meld dit bericht aan een moderator

 
Alexx Geplaatst op 06-03-2011, 00:49 Reageer
user icon
Berichten: 564
gebruiker
Verstuur privé bericht

Ik vind het echt nice hoe je Loena hebt gebruikt in je verhaal en hoe ze helemaal in character is gebleven. Ik heb je ook al half voor gek verklaard toen bleek dat je hoofdpersoon Hugo heette, maar daar ga ik nu niet over zeuren xD Ik dacht eerst dat Hugo -ugh-  gewoon zo'n standaard gepest iemand was: iemand die in principe niets out doet, maar waar iedereen een afkeer tegen heeft. Uiteindelijk viel het op zijn plaats en het verklaart ook de missende stukken enzo. Nice Wat ik alleen niet helemaal snapte, was hoe Loena in een keer aan dat Holisto document kwam..


meld dit bericht aan een moderator

 
Secret-v Geplaatst op 06-03-2011, 01:17 Reageer
user icon
Berichten: 1156
administrator
Verstuur privé bericht

Ik wilde nog uitleggen hoe Loena aan het document kwam, maar door tijdgebrek was ik dat vergeten... Ik wilde haar laten zeggen dat ze 'connecties' had, refererend naar Harry en co.

Dreuzel, als je het goed gelezen zou hebben, zou je weten dat 't document over Hugo ging en dat Hugo dus schizofreen is.

Wat de namen Hugo en Jim betreft... Ik ben dit keer op zoek gegaan naar namen die daadwerkelijk een betekenis hadden voor mijn verhaal.

Hugo: Hart, verstand, ziel, denkende geest
Jim: Bedrieger


meld dit bericht aan een moderator

 
Superdreuzel Geplaatst op 06-03-2011, 01:19 Reageer
user icon
Berichten: 5626
gebruiker
Verstuur privé bericht

Kennelijk begreep ik je verhaal niet goed genoeg om alles goed te lezenxD

Maar, hoezo experiment mislukt? Wat was dat experiment dan?


meld dit bericht aan een moderator

 
Alexx Geplaatst op 06-03-2011, 01:22 Reageer
user icon
Berichten: 564
gebruiker
Verstuur privé bericht

Op 06-03-2011, 01:17 Secret-v schreef:
Ik wilde nog uitleggen hoe Loena aan het document kwam, maar door tijdgebrek was ik dat vergeten... Ik wilde haar laten zeggen dat ze 'connecties' had, refererend naar Harry en co.

Dreuzel, als je het goed gelezen zou hebben, zou je weten dat 't document over Hugo ging en dat Hugo dus schizofreen is.

Wat de namen Hugo en Jim betreft... Ik ben dit keer op zoek gegaan naar namen die daadwerkelijk een betekenis hadden voor mijn verhaal.

Hugo: Hart, verstand, ziel, denkende geest
Jim: Bedrieger


ooooh okee! ik dacht al xD kwam een beetje uit het niets enzo.
en ja, ik snapte het wel met zijn schizofrenie enzo *is slim*

en dat betekenen die namen dus! ze idd wel passend!


meld dit bericht aan een moderator

 
severusfan94 Geplaatst op 06-03-2011, 16:50 Reageer
user icon
Berichten: 270
gebruiker
Verstuur privé bericht

Je bouwt de spanning echt heel erg goed op! je wil doorlezen om te weten hoe het eindigt! De plot was ook heel goed, totaal onverwacht en een mooi open einde, vraag me af hoe hugo reageert....
In een woord; subliem!


meld dit bericht aan een moderator

Iedereen wil leuke vrienden, jouw vrienden ook. 
alice Geplaatst op 07-03-2011, 16:53 Reageer
user icon
Berichten: 3205
moderator
Verstuur privé bericht

Secret-V
-Goede taal en spelling.
-Loena als extra persoon erin nice.
-Blijf geboeid lezen.
-Ok beetje vaag eind maar wel aan denken gezet.


meld dit bericht aan een moderator

 
Ginny-w Geplaatst op 07-03-2011, 16:55 Reageer
user icon
Berichten: 6331
gebruiker
Verstuur privé bericht

Mijn beoordeling:

Mooi verhaal. Het einde snap ik niet helemaal, maar is wel interessant.

+ Leest lekker weg.
+ Weinig schrijffouten.
+ Leuk dat je Loena erin voor hebt laten komen.
+ Uitleg bij gedaanteverwisselingen duidelijk gedaan.
- Het is mij niet helemaal duidelijk waarom je voor de titel Stemmen gekozen hebt.      

Gemiddeld cijfer: 8,6.


meld dit bericht aan een moderator

Help will always be given at Hogwarts to those who ask for it. 
Wizard112924 Geplaatst op 08-03-2011, 16:01 Reageer
user icon
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht

Secret-V + punten Heel mooi, Weinig tot geen typfouten, Leuk om te lezen, Leuk open eind.      -  punten Ik begreep het einde niet helemaal (maar het was wel een leuk eind), Jammer dat je niet dieper op het einde in ging ik had meer willen weten, maarja, daarvoor zijn open einden.

Cijfer: 9


meld dit bericht aan een moderator