|
alice
|
Geplaatst op 05-03-2011, 22:19 |
Reageer
|
Berichten: 3205
moderator
Verstuur privé bericht
|
Professor Minerva anderling`s verhaal toen ze op school zat.
“Mam! mam! gaan we nog naar de weg is weg”zei Anderling. “De wat”zei de moeder van Anderling. “Je weet wel die koopstraat voor tovenaars. Waar we mijn tovenaars spullen moeten kopen” zei Anderling nijdig. "O ja die brief en zo.Ik ben nog steeds verward dat tovenaars bestaan” Zei Anderling’s moeder op een verwarde toon. Toen zei anderling:"ik besta toch". "Eh, ja dat klopt ga Hans en je broer James maar halen" zei de moeder. En anderling liep weg naar boven.
“Pap we gaan naar de wegisweg, De wegisweg. Kun je het geloven.” Zei Minerva. “Eh, ja wat is het Minerva. Snoepwinkel of zo?, Speelgoedwinkel?” zei Hans (de vader). “Nee, de Winkelstraat, Voor tovenaars, die waar ik me spullen ga halen. Voor zweinstein.” Zei Minerva. “Ben jij een tovenaar?”zei Hans “Schat is Minerva een tovenaar?” Roept Hans. “Eh, Nee.Die bestaan niet”. “Dankje Karin” (moeder). Toen kwam James binnen lopen en zei:“hoi zusje de tovenaar. Hoe heten mensen die niet kunnen toveren” “Er bestaan geen tovenaars James” zei Hans Toen keek Minerva hem boos aan en zei: “moet ik die brief weer laten zien. Oh ja Dreuzels, zo heten jullie.” En Minerva liep boos weg en zei: “meekomen!”
Minerva was bij de lekke ketel, En iedereen kreeg geld van Karin voor de wegisweg. Hans vroeg aan een man : “hoe kom je bij de wegisweg” de man wees naar een deur. Ze liepen door de deur en zagen en grote muur. En Karin zei: “die man maakte een grapje” Opeens liep er een hele grote man met een grote baard. James zei: “dat is Sinterklaas wat is hij aangekomen zeg. De man reageerde: “ik ben Sjaak niet Sinterklaas” En Karin zei: “je bent zeker de Sjaak, ja”. De man tikte op de muur en de muur verschoof in de vorm van een deur. Minerva zei: “geloof je nu wel in magie”
En de moeder antwoordde: “nee” de vader antwoordde: “ klein beetje” “Ik haat jullie. Jullie geloven me nooit, houden niet van me En het interesseert jullie niet eens dat ik een tovenaar ben. Jullie, jullie, eh.” Zei Minerva kwaad. Minerva rende weg een donker steegje in. Ze stopte en dacht: waar ben ik mee bezig Je rent niet zomaar een raar steegje in In een tovenaarsstad ik ga terug. Toen ze zich omdraaide Zag ze een heks met een pukkel de heks zei “hoi, mopje wat doe jij hier wil je en cakeje Mag hoor hou mijn hand vast. Er zit echt geen gif in hoor” Minerva rende weg de heks pakte er toverstok en zei :avracadabra . Minerva dook weg achter een man de man viel En Minerva rende weg En zag de vrouw weg vliegen op haar bezemsteel. Minerva zag een winkel En mompelde die ziet er veilig uit
(ondertussen bij de ouders)
“Hebt u ons kleintje gezien meneer, ik laat u een foto zien.” Hans liet een foto zien aan de man en toen de man keek Vroeg hij: “hoezo beweegt jullie foto niet? Zijn jullie dreuzels ? Ik laat jullie mijn foto`s zien” En hij liet een rolletje foto`s zien op sommige was niemand En op andere 2 van hem en ze bewogen sommige Gingen terug naar hun eigen kamer(hokje) ze praten ook nog “geloven jullie nu wel in magie”zei James. “ze liep in die steeg” zei Karin “oke” zei de man ze liepen weg En de man bleef “wacht” zei de man en hij rende naar ze toe. Ze keken om en de man zei: “ik ga mee, het is veel te gevaarlijk In die buurt voor dreuzels. Ik begeleid jullie.” “hoe heet u eigenlijk?” vroeg James “Robert”antwoordde de man. “Ah, een dode”schreeuwde iemand“Rennen” zei de Robert, En ze rende het steegje in en zagen de man die getroffen was “ik stuur mijn uil, Sink”zei de man. Er kwam een uil aan vliegen met een stukje perkament. De man schreef er wat op gaf het aan de uil en zei: “naar het Ministerie van Toverkunst” En de uil vloog weg. “Kom we moeten verder gaan”en ze gingen langs Odius en oorlof En zagen de heks met de pukkel maar dit keer met een meisje en het meisje zei: “mam, hoe is die meneer doodgegaan” en de moeder zei: “niet nu Bellatrix” “maar mam”zei het meisje “Van Deta`s zeuren niet” zei de moeder. En het meisje zei “zeg het” “oké, ik was het. Nou goed.” De man zei toen hij een paar nette mannen zagen: “ hé, wilt u hun heel even bij ze houden man van het misteri en voor de anderen zij is de moordenaar” En hij wees naar de heks. Wel voorzichtig die mensen zijn dreuzels”. Ik ga hier in alle winkels kijken.
(bij anderling) “Hello, Hello is er iemand” zei Minerva en keek op een klein briefje Er stond op: afblijven vervloekt 10 tovenaars vermoord en de vorige eigenaar van de winkel. Minerva stapte gelijk weg ze schrok zich dood. Minerva hoorde iemand en dacht: als dat een aardig iemand is die vloekt Ben ik de paashaas. Ze verstopte zich onder het bureau. Er kwam een man aan met een boos gezicht en zei: “ik haat kinderen Behalve als ze dreuzels doden” anderling wou onder het bureau uit komen Maar ze bedacht zich. Er kwam een man aan en zei toen hij de voeten onder de tafel zag: “eh, hoe duur is dit? ” En de andere man zei: en dat kan je zien op het briefje”. “Ik kan niet goed lezen” zei de man, en de verkoper kwam naar hem. En die het wou weten zwaaide onopvallend zijn hand maar Minerva kon het zien en kroop weg. En de man liep naar haar. De verkoper zei: “50 euro” “eh wah. ooh te duur en deze”de verkoper kwam daarheen. En de man fluisterde: “wacht buiten op mij” Minerva rende weg “40 euro” zij de verkoper. En de man zei : “ook te duur . Dan ga ik maar” en de man liep weg.
“hoe heet jij eigenlijk.Ik heet Robert” zei de man “ik help dreuzels die hun kind kwijt zijn” “oke ik heet Minerva anderling” zei de anderling “ik vind u aardig hier mijn adres”ze gaf hem een brief En de man gaf er een brief en een uil. “Heb je al een toverstok? Oh ja alle tovenaarskinderen die dreuzelouders hebben. Moeten naar goudgrijp voor extra geld.” Zei Robert “ik heb een paar vragen voor je: -1 hoe oud ben je? -2 vind je het leuk dat je kunt toveren? -3 waar zijn je ouders?” Later gaf ze antwoord: “1=11 . 2 =ja. 3 ik ben weggerend” “heb jij soms ook een broer?” zei de man “ja, hoe weet je die?” vroeg anderling. “kom mee “zei de man terwijl hij weg rende
Robert stopte, bij een heel groot huis 10 x zogroot als het witte huis. ‘dit is goudgrijp de enige bank voor de tovenaars” Er hing een brief op de deur Minerva pakte hem En las hem voor: “we hebben je ouders en als je wil weten over wie ik het heb kijk in dit steegje ik wil iets wat ik bij je nieuwe vriend zag.” Ze keken in het steegje en zagen James geblinddoekt en ze voeten en handen waren vastgebonden er zat ook iets in zijn mond waardoor hij niet help kon roepen: “James” riep Minerva. Robert maakte James los “waarom heb je ons alleen gelaten Nu zijn ma en pa weg” zei James “nou en” zei Minerva ondankbare toon. “Zus” zei de James “ja, wat is er” zei Minerva vriendelijk “pap en mam zijn belangrijk, je kunt niet eeuwig boos blijven Omdat ze niet weten wat je bent je moet naar zweinstein. Ze zijn belangrijk voor ons anders ben ik alleen in huis”. Zei James, Minerva keek hem even aan, Haalde er neus op en zei: “je stinkt een beetje moet je niet in bad”. Toen James “ouders” zei werd Minerva helemaal gek. Toen zei ze: “ik heb geen ouders! Nooit niet!”
Iedereen keek Minerva anderling aan vol verbazing , En James zat bijna te huilen en rende weg. Robert rende achter hem aan en Minerva riep nog: “zo bedoelde ik het niet, Kom op je weet dat ze niet van me houden . toch? Ze houden toch niet van me ?” er kwam een jongen aan en die zei: natuurlijk houden ze van je dat is logisch, ik ben Albus Perkamentus, hoe heet jij” “ik heet Minerva anderling ,ga jij ook naar zweinstein” zei ze . en albus zei: “ja ,zullen we samen spullen kopen?” ‘oké ik heb toch niks anders te doen.” en ze liepen weg. “Waar gaan we als eerst heen ,naar de toverstokkenwinkel?”
“Welkom,welkom in mijn Toverstokkenwinkel. Ik heb hier alles wat je nodig hebt van Toverstokken.” En Perkamentus liep naar de man en zei : “Ik wil een Toverstok” “Ah ja, wacht even. En de man liep naar achter en pakte iets, keek bestuderend naar Albus en liep terug. Toen zei hij: “deze misschien?” gaf hem aan albus “zwaai.” Albus zwaaide en opeens viel de Deur stuk op de Grond. “Valt te maken” zei de man toen ie snel de Stok afpakte en weer terug naar achter ging en een andere pakte, en gaf Albus een andere Stok . Albus zwaaide weer en toen zakte de man zijn Bureau in. Nadat Albus met de eennalaatste stok had gezwaaid. Werd de man gek en gaf hem de laatste stok, De man hield zijn handen op zijn hoofd, omdat ie bang was dat zijn hoofd ontplofte. Maar in plaats daarvan werd alles weer heel. De man zei daarna mat een opgeluchte stem: “en jij?” “ik wil er ook een, ja”zei Minerva . En de man ging weer naar achter ( voor de zoveelste keer). Minerva kreeg er één en zwaaide de stok en buiten zagen ze de zon op komen. Albus gaf de man geld en Minerva keek in haar zakken voor geld Maar zei toen sip: “ik heb geen geld” “ik betaal wel voor der” zei perkamentus en gaf hem meer geld. De man zei: “ik ben Olivander en meisje ik geef je dit . het is een tijdverdrijver. nu kun je in de tijd rijzen”zei de man met een glimlach. “Dank u” zei Anderling ,en ze liepen weg. “Dankje Albus . ik weet hoe ik mijn ouders terug kan halen hoe ik jou ter kan betalen en mijn broer tegen kan houden. ga je mee terug in de tijd?” Zei Minerva blij maar Albus zij snel mij hoef je niet terug te betalen En ja ik ga mee.” Anderling deed een ketting bij zichzelf en Albus om en draaide aan het kettinkje. Ze werd duizelig en het leek of dat ook bij Albus was en opeens was ze weer in de wegisweg.
Ze rende gauw naar de muur hoe je binnenkwam en Albus rende achter haar aan. Toen ze der was zag ze Sjaak (de man met de lange baard) “dat is een van de grootste schurken die der zijn”zei Albus en toen gooide hij Minerva achter een ton en dook er toen zelf ook achter. Hij zag Minerva met er ouders achter hem lopen. Toen zei Albus : “hebt een van jullie hem boos gemaakt?” “Ja. mijn ouders. Oh mijn ouders gaan weg.” En ze liepen achter Hans en Karin aan.
“wie is die man?” vroeg Albus “dat is Robert”zei Minerva. Ze rende achter ze aan. en zagen ze weg vliegen met Sjaak. Minerva dacht aan James en rende achter James aan maakte haar excuus en rende terug.
Toen ze op het station waren wist ze niet waar ze naar toe moest en vroeg aan een man : “weet u waar perron ¾ is” de man barste in lachen uit en riep: “het meisje wil weten waar perron ¾ is.”en toen begon iedereen telachen opeens pakte een man der beet en zei : “je moet op deze muur afrennen” en wees naar een muurtje ze rende en botste toen schreeuwde ze , Ze dacht dat ze heel veel pijn had heel veel mensen keken haar aan. Maar nu had iedereen een stok en er was een hele grote trein er stond op hogwarts en ze wist gelijk wat het betekende =zweinstein ze ging in de trein en ging zitten.
“Hoi mag ik er bij komen zitten”zei een meisje met krulhaar “ja hoor ,ik heet Minerva” “ik Emily. Ik heb dreuzelouders” “ik ook”zei Minerva verbaasd. Toen kwam er een jongen binnen en vroeg: “hebt er iemand een vleerdoedel gezien” “een wat?” Zeiden de meiden samen in koor. “Zijn jullie zo dom. Een fladderende doedelzak.” zei de jongen “ik heet Tom borsthaar”. “Ik ken wel een vleermuis” zei Minerva “een wat?” zei Tom en hij kwam er bij zitten. Toen kwam Albus en vroeg of hij erbij mocht zitten. En het mocht dus ging hij zitten. “hoi ik ben Winston zwadderig mag ik erbij zitten.” Zei een jongen op een vriendelijke toon. “ben jij de kleinzoon van zalzazar zwadderig?”vroeg Albus. “ja maar geloof me ik ben heel anders.” Zei Winston vlug
De trein stopte en Minerva en haar vrienden konden niet meer met elkaar praten ze liepen naar de gang en toen kwam er een hele grote menigte op de gang en raakte Minerva haar vrienden kwijt. totdat ze koetsen zag .al haar vrienden zaten in een koets. Ze liep ernaartoe en stapte erin er kwam een jongen aan En zei: “mag ik erbij? ik heet Tim rood.” “jahoor” zei Anderling en hij stapte in. Later gingen ze in bootjes maar ze moesten zich wel opsplitsen in groepjes van 3 Minerva ging met Albus en Tim. “ik heb nog nooit vrienden gehad ze schelden me altijd uit of doen alsof ze mijn vriend zijn en halen dan een gemene grap met me uit.”
Binnen in zweinstein zag het er betoverend uit schilderijen bewegen, geesten en een bewonderend kasteel en een mooi uitzicht en als je naar de eetzaal gaat zie je de ruimte en heel veel sterren maar het is een betovert plafond. De sorteerhoed is een hoed die kan praten en je indeelt bij een groep er is ook een afdelingsbeker die ik moet winnen Ik sta nu in de rij “Anderling” werd er geroepen door de baas = Jozef deurklink .ze doen de namen door elkaar. Anderling loopt naar de hoed en er wordt gelijk geroepen: “grifoendor” en een tafel met kinderen juichen zo ben ik nog nooit ontvangen. Later komen al mijn vrienden behalve Winston die zit bij zwadderig er is ook nog huffelpuf en ravenklauw. Ze liepen naar boven de trappen bewegen maar bij een trap was ze net niet snel genoeg en kwam ze in een kamer terecht en hoorde ze iemand praten ze keek door het sleutelgat het was Sjaak hij had het over een terreinknecht en over een meisje hij zei dat de ouders in de kamer zaten en toen zag ze het de ouders, Dat haar ouders Waren
Ze was boven en zag een brief aan haar bed ze las: Hoi ik heb je OUDERS ze zijn in goede handen . Nog wel tenminste als jij niet geeft wat ik bij je vriend zag. Ik bedoel ROBERT dan zijn je ouders …..DOOD.
Minerva schrok zich dood. Ze pakte der uil pakte perkament schreef er wat op en zei : “naar Robert, snel.”
De volgende dag lag er een brief op haar bed en er stond op
Kom na school naar het huisje buiten. Robert.
“Hello ik ben meneer dikbil. We gaan flippendo leren” (na ALLE lessen) Minerva liep met er vrienden naar Robert en klopte op de deur en er werd gelijk open gedaan en Robert zei : “wat betekend dit?” iedereen keek hem schokkend aan Maar Minerva zei: “ik weet waar ze zitten, als ik jou niet overhandig gaan ze dood.” Op een huilerige toon. “wie gaan dood” zei James “wie is dat?” zeiden de andere. “mijn broer, James.” Robert stond op en zei : “ik moet naar ze toe ,maar eerst geef ik je dit.” en hij gaf Minerva een ketting en daarna liep hij weg.
Een maand later kwam er nog een brief er stond in= Waar is de ketting ,waar is de ketting jij geeft ons hem maar geen ketting . kom morgen anders zijn ze alle drie ....... >DOOD<.
( DE VOLGENDE DAG) “Minerva ,hoezo zo vroeg uit bed?”zei Emily Anderling gaf als antwoord: “ik ga mijn ouders redden.” “wacht” zei Albus “wij gaan mee” De hele groep was uit bed en klaar om te strijden. “ik heb een plan” riep Winston van de gang.
Nadat Winston zijn plan heeft uitgelegd zei Minerva: “hoe weet je eigenlijk waar onze afdeling is.” “zei de leider van onze afdeling” zei Winston verdacht. “wegwezen” zei Minerva streng. en ze liepen verder. Voor de deur van Sjaak zagen ze James. En hij zei : “ik wil helpen”
Minerva ging alleen de deur in en zei “hé, poten af van mijn ouders!”. “heb je de ketting?”. Ze liet de ketting zien en daarna nog twee die erop leken toen kwam Albus binnen met een bak vol kopieën. “ja” zei Minerva en toen Sjaak met zijn handlangers niet op de deur letten kwam James binnen sluipen en ging bij de ouders staan. Toen duwde Minerva de ketting in de bak en Albus gooide de bak op de grond en Sjaak zocht gelijk de goede. Toen kwam Tim en zei: “flippendo!”. En Sjaak viel in de bak. “glacius”zei Emily. De man die Minerva in de gaten hield bevroor. Sjaak zag dat ze aan het vechten waren maar ook dat Minerva het echte exemplaar had. ze rende zover ze kon maar Sjaak zei: “avracadabra” maar Tom sprong voor Anderling en de doedel voor Tom de uil was geraakt. En Anderling gooide de ketting naar beneden de man die bevroren was ,was ontdooit en rende door het deurgat. Maar werd neer geslagen door Winston .de andere man rende naar beneden maar werd tegengehouden door de uil. De ouders en Robert waren vrij gemaakt. “expeliarmus!”zei Robert tegen Sjaak en Sjaak’s toverstok vloog uit zijn handen. Hans en Karin geloofden zeker al in magie. De man die naar beneden ging viel van de trap hellemaal 7 verdiepingen naar beneden. En Sjaak geloof het of niet sprong uit het raam maar kwam weer omhoog met een draak en zei : “ik regeer de draken!” De vrouw van het begin pakte de ketting en rende weg. “Bing”zei Tom tegen zijn uil. En de hoofdmeester kwam naar boven en vroeg: “wat is hier gebeurt?” “oom?”zei Hans en de man zei “ja ik ben oom Bernardo” (de volgende dag) “alles is weer rustig”zei Anderling. “alles in 1 maand. Wat zal er het rest van het jaar gebeuren?”Zei Albus.
EINDE?
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Alexx
|
Geplaatst op 06-03-2011, 00:58 |
Reageer
|
Berichten: 564
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Wat een apart verhaal! Natuurlijk is het puur toeval dat twee mensen over de jeugd van Anderling hebben geschreven, maar het trok wel mijn aandacht. Jullie hebben er echt allebei iets compleet anders van gemaakt, haha. Ik vond het op zich wel bijzonder gevonden, me een ontvoerder op de Wegisweg enzo. Was Perkamentus alleen niet ouder dan Anderling? Daar snapte ik het eventjes niet meer. Ik vind het ook een beetje jammer dat je een open einde hebt, maar dat is omdat ik van closure hou. Ik moet zeggen dat je wel vindingrijk bent!
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|